Besluit over de organisatie van de call voor het jaar 2026 voor de ondersteuning van nuttige breedbandconnectiviteit, de ondersteuning van restcapaciteit en bandbreedte-efficiënte campusnetwerken of -diensten en het toekennen van een budget voor de premies voor de aansluiting van een bestaand residentieel of niet-residentieel gebouw op een publiek gigabitnetwerk

Dit besluit lanceert de oproep 2026 met subsidies voor internetverbindingen, beter netwerkgebruik en campusnetwerken, en premies om gebouwen op een supersnel netwerk aan te sluiten.
Samenvatting in gewone taal
Dit besluit organiseert in 2026 één gecoördineerde oproep voor projecten die de internetverbinding in Vlaanderen merkbaar en duurzaam verbeteren. Het gaat om drie soorten initiatieven: betere breedband voor eindgebruikers, het openstellen van ongebruikte capaciteit op bestaande digitale infrastructuur, en slimme, bandbreedte-efficiënte netwerken of diensten op campussen. Denk aan oplossingen die download- en uploadsnelheden verhogen, de vertraging verlagen, de betrouwbaarheid vergroten of de verbinding evenwichtig maken. Wie heeft er baat bij? Burgers en bedrijven die sneller en stabieler internet krijgen, en organisaties zoals scholen, onderzoeks- en zorginstellingen of campusbeheerders die efficiëntere netwerken willen. Het besluit legt vast hoe en wanneer projecten kunnen worden ingediend, hoe ze worden beoordeeld en hoe het beschikbare geld over de onderdelen wordt verdeeld. Daarnaast voorziet het een budget voor premies om bestaande woningen en bedrijfsgebouwen aan te sluiten op een openbaar gigabitnetwerk (zeer hoge snelheid). De precieze aanvraagregels, termijnen en toekenningsvoorwaarden worden door het Agentschap Digitaal Vlaanderen bekendgemaakt in de oproep van 2026.
Documenttype
Besluit
Publicatiedatum
29 juli 2026
Status
Geldig
Trefwoorden
digitale connectiviteit breedband gigabitnetwerk subsidiëring projectoproep begroting

De Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Bestuurszaken, Digitalisering en Telecommunicatie,

Gelet op het decreet van 21 maart 2025 betreffende digitale connectiviteit en netwerkvoorzieningen in Vlaanderen, artikel 6, artikel 12, artikel 19 en artikel 24;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 4 april 2025 betreffende de subsidiëring van breedbandconnectiviteit, restcapaciteit en bandbreedte-efficiënte campusnetwerken, artikel 4, artikel 7, artikel 9, artikel 15 en artikel 22, dat de minister belast met digitalisering machtigt om jaarlijks de oproepkalender, de indieningsmodaliteiten, de beoordelingsmethode en de deelbudgetten vast te stellen;

Gelet op de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2026, programma Digitale Transitie, de begrotingsartikelen 46.12 en 46.45;

Gelet op de Verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (de algemene groepsvrijstellingsverordening), zoals gewijzigd bij Verordening (EU) 2023/1315, inzonderheid artikel 52 (breedbandinfrastructuur) en artikel 25 (onderzoeksinfrastructuur) voor zover van toepassing;

Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën van 10 september 2025;

Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, van 18 september 2025;

Gelet op de juridische toets van het Agentschap Digitaal Vlaanderen van 23 september 2025;

Overwegende dat het nodig is voor het jaar 2026 een gecoördineerde oproep te organiseren voor de ondersteuning van nuttige breedbandconnectiviteit, de ontsluiting van restcapaciteit en de realisatie van bandbreedte-efficiënte campusnetwerken of -diensten, en om een budget vast te leggen voor premies voor de aansluiting van bestaande residentiële en niet-residentiële gebouwen op een publiek gigabitnetwerk;

Besluit:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. (01/12/2025 - Doel en toepassingsgebied)

Dit ministerieel besluit bepaalt voor het jaar 2026: de organisatie van de oproep voor projecten inzake nuttige breedbandconnectiviteit, ondersteuning van restcapaciteit en bandbreedte-efficiënte campusnetwerken of -diensten; de indienings- en beoordelingsmodaliteiten; de toekenning van deelbudgetten; en het budget en de toekenningsmodaliteiten van de premies voor de aansluiting van bestaande residentiële en niet-residentiële gebouwen op een publiek gigabitnetwerk.

Artikel 2. (01/12/2025 - Begripsomschrijvingen)

Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:

  1. agentschap: het Agentschap Digitaal Vlaanderen;
  2. nuttige breedbandconnectiviteit: een netwerk- of dienstverleningsingreep die leidt tot een aantoonbare en duurzame verbetering van de beschikbare downlink- en uplinksnelheid, latentie, betrouwbaarheid of symmetrie voor eindgebruikers, met een technologieneutrale benadering;
  3. restcapaciteit: vrij beschikbare capaciteit op bestaande fysieke of passieve digitale infrastructuur die onder open, transparante en niet-discriminerende voorwaarden kan worden aangeboden aan derden;
  4. bandbreedte-efficiënt campusnetwerk of -dienst: een lokaal netwerk of netwerkdienst op een afgebakend domein met meerdere gebouwen of locaties waarbij door middel van architectuur, protocollen of diensten het bandbreedtegebruik aantoonbaar wordt geoptimaliseerd en piekbelasting wordt afgevlakt;
  5. publiek gigabitnetwerk: een elektronisch communicatienetwerk dat publiek toegankelijk is en dat gelijktijdig downlinksnelheden van ten minste 1 Gbit/s en uplinksnelheden van ten minste 200 Mbit/s aan eindgebruikers kan leveren;
  6. oproep 2026: de in dit besluit vastgestelde oproepkalender en -procedure voor het jaar 2026;
  7. aanvrager: een rechtspersoon die een project- of premieaanvraag indient in het kader van dit besluit.

Artikel 3. (01/12/2025 - Begrotingsenveloppes)

Voor de uitvoering van dit besluit worden voor het begrotingsjaar 2026 volgende maximale deelbudgetten vastgelegd, binnen de beschikbare kredieten van de begrotingsartikelen 46.12 en 46.45:

  1. nuttige breedbandconnectiviteit: 35.000.000 euro aan projectsubsidies;
  2. ondersteuning van restcapaciteit: 10.000.000 euro aan projectsubsidies;
  3. bandbreedte-efficiënte campusnetwerken of -diensten: 12.000.000 euro aan projectsubsidies;
  4. premies voor aansluitingen op een publiek gigabitnetwerk: 8.000.000 euro.

Hoofdstuk 2. Organisatie van de oproep 2026

Artikel 4. (01/12/2025 - Oproepkalender)

De oproep 2026 kent volgende fasering:

  1. voorafgaande kennisgeving en publicatie van de oproepdocumentatie op de website van het agentschap uiterlijk op 08/12/2025;
  2. infosessie voor potentiële aanvragers in de week van 15/12/2025;
  3. openstelling van het indieningsloket op 05/01/2026 om 09.00 uur;
  4. sluiting van het indieningsloket op 28/02/2026 om 17.00 uur;
  5. ontvankelijkheidscontrole uiterlijk op 15/03/2026;
  6. inhoudelijke beoordeling en rangschikking van 16/03/2026 tot en met 30/04/2026;
  7. beslissing tot toekenning uiterlijk op 15/05/2026;
  8. ondertekening van de subsidieovereenkomsten uiterlijk op 31/05/2026.

Artikel 5. (01/12/2025 - Indiening en vormvereisten)

De aanvrager dient per steunluik één afzonderlijk dossier elektronisch in via het door het agentschap ter beschikking gestelde loket. Een dossier bevat minimaal:

  1. identificatiegegevens van de aanvrager en eventuele partners;
  2. een projectbeschrijving met doelstellingen, planning, fasering en risicobeheersing;
  3. een technisch ontwerp met onderbouwde prestatieverbeteringen of efficiëntiewinsten;
  4. een begroting met specificatie van subsidiabele en niet-subsidiabele kosten, aangevuld met offertes of ramingstabellen;
  5. een financieringsplan met aanduiding van eigen inbreng en eventuele andere steun;
  6. een verklaring inzake staatssteun en cumulatie;
  7. een voorstel van openstellings- en toegangspolitiek voor de betrokken infrastructuur of diensten, indien van toepassing;
  8. een plan inzake communicatie, monitoring en rapportering.

Artikel 6. (01/12/2025 - Ontvankelijkheidsonderzoek)

Het agentschap verklaart een dossier ontvankelijk indien cumulatief is voldaan aan volgende voorwaarden:

  1. tijdige indiening binnen de in artikel 4 vastgelegde termijn;
  2. volledigheid van de in artikel 5 opgesomde stukken;
  3. naleving van het toepassingsgebied zoals omschreven in de hoofdstukken 3 tot en met 5;
  4. afwezigheid van kennelijke tegenstrijdigheden of onduidelijkheden die de beoordeling onmogelijk maken.

Onvolledige dossiers kunnen éénmalig binnen een hersteltermijn van tien kalenderdagen na kennisgeving worden vervolledigd.

Artikel 7. (01/12/2025 - Beoordeling en rangschikking)

De ontvankelijke dossiers worden beoordeeld door een beoordelingscommissie, samengesteld door het agentschap. De commissie rangschikt de dossiers per steunluik op basis van de in de hoofdstukken 3 tot en met 5 vastgelegde criteria en wegingen en formuleert een gemotiveerd toekenningsvoorstel binnen de per steunluik beschikbare middelen. Bij gelijke rangschikking krijgt het dossier met de hoogste score op maatschappelijke meerwaarde voorrang.

Hoofdstuk 3. Nuttige breedbandconnectiviteit

Artikel 8. (01/12/2025 - Doel en doelgroep)

Het steunluik nuttige breedbandconnectiviteit beoogt projecten die in Vlaanderen aantoonbaar de kwaliteit van vaste of vaste-draadloze breedbandtoegang voor eindgebruikers verbeteren in zones waar marktinitiatieven op korte termijn niet voorzien in gelijkaardige verbeteringen. Aanvragers zijn elektronische-communicatienetwerkexploitanten, nutsinfrastructuurbeheerders, publiek-private samenwerkingsverbanden en lokale besturen die optreden als facilitair initiatiefnemer met een uitvoeringspartner.

Artikel 9. (01/12/2025 - Subsidiabele uitgaven en steunintensiteit)

In aanmerking komen, voor zover rechtstreeks toerekenbaar aan het project:

  1. investeringen in passieve en actieve infrastructuur, inclusief civiele werken, glasvezel, actieve netwerkcomponenten, energievoorziening en netwerkaansturing;
  2. software en licenties noodzakelijk voor de levering en meting van de beoogde prestaties;
  3. studiekosten, ontwerp en vergunningskosten tot maximaal 10% van de totale subsidiabele uitgaven;
  4. projectbeheer en externe audit tot maximaal 5% van de totale subsidiabele uitgaven.

De steun bedraagt maximaal 50% van de subsidiabele uitgaven, met een plafond van 3.000.000 euro per project. Voor projecten die volledig plaatsvinden in zones met ondergrensdekking, kan de steun worden verhoogd tot maximaal 60%, met een plafond van 3.500.000 euro per project.

Artikel 10. (01/12/2025 - Selectiecriteria en wegingen)

Dossiers worden beoordeeld op basis van volgende criteria:

  1. maatschappelijke meerwaarde, inclusief bereik en impact op eindgebruikers: 30 punten;
  2. technische kwaliteit en duurzaamheid van de oplossing: 25 punten;
  3. kostenefficiëntie en proportionaliteit: 25 punten;
  4. uitvoerbaarheid, planning en risicobeheersing: 10 punten;
  5. openheid en medegebruik, inclusief groothandelsaanbod: 10 punten.

Een minimale totaalscore van 65 op 100 is vereist, en per criterium mag de score niet lager zijn dan 50% van het criteriumgewicht.

Artikel 11. (01/12/2025 - Uitvoeringsverplichtingen)

De begunstigde verbindt zich ertoe:

  1. de in de aanvraag opgegeven prestaties binnen 24 maanden na ondertekening van de subsidieovereenkomst te realiseren;
  2. een niet-discriminerend en transparant groothandelsaanbod gedurende ten minste zeven jaar te handhaven indien infrastructuur met publieke steun wordt ingezet;
  3. een meetrapport met onafhankelijke verificatie van de gerealiseerde prestaties uiterlijk 3 maanden na oplevering te bezorgen;
  4. storing- en beschikbaarheidsindicatoren op te volgen en op verzoek van het agentschap te rapporteren.

Hoofdstuk 4. Ondersteuning van restcapaciteit

Artikel 12. (01/12/2025 - Doel en toepassingskader)

Het steunluik ondersteuning van restcapaciteit stimuleert het ontsluiten van bestaande, onderbenutte passieve of actieve infrastructuur voor derdengebruik, met het oog op betere medegebruiksmogelijkheden en efficiënter kapitaalgebruik. Aanvragers zijn infrastructuurbeheerders, lokale besturen, intergemeentelijke samenwerkingsverbanden en netwerkeigenaars.

Artikel 13. (01/12/2025 - Subsidiabele acties en randvoorwaarden)

In aanmerking komen:

  1. inventarisatie en digitalisering van infrastructuurgegevens en publicatie via een open toegangsportaal;
  2. plaatsing of aanpassing van toegangs- en koppelingspunten, inclusief behuizing en stroomvoorziening;
  3. installatie van monitoring- en reserveringssystemen voor derdengebruik;
  4. opmaak en implementatie van referentieaanbiedingen met transparante tarieven.

Voorwaarden zijn:

  1. open, transparante en niet-discriminerende toegang voor derden gedurende minimaal vijf jaar;
  2. tarifering op basis van kostenoriëntatie en redelijke winstmarge, te motiveren in de aanvraag;
  3. publicatie van standaardvoorwaarden en procedures.

Artikel 14. (01/12/2025 - Steunmodaliteiten)

De steun bedraagt maximaal 60% van de subsidiabele uitgaven met een plafond van 1.200.000 euro per project. Voor acties die uitsluitend betrekking hebben op digitalisering en open data geldt een maximum van 300.000 euro per project met een steunintensiteit van maximaal 80%.

Hoofdstuk 5. Bandbreedte-efficiënte campusnetwerken of -diensten

Artikel 15. (01/12/2025 - Doel en doelgroep)

Het steunluik bandbreedte-efficiënte campusnetwerken of -diensten ondersteunt projecten die door architecturale keuzes, protocollen of diensten het bandbreedtegebruik reduceren, piekbelasting mitigeren of verkeer lokaal afhandelen op campus- of clusterlocaties. Aanvragers zijn publiekrechtelijke rechtspersonen, non-profitorganisaties en consortia met technologische uitvoerders.

Artikel 16. (01/12/2025 - Technische vereisten en resultaten)

Projecten voldoen minstens aan volgende vereisten:

  1. aantoonbare reductie van piekbandbreedte van minimaal 25% ten opzichte van de uitgangssituatie, of aantoonbare latentieverbetering van minimaal 20% op kritieke stromen;
  2. documentatie van de gekozen architectuur, configuratieparameters en beheerprocessen;
  3. implementatie van meetpunten en dashboards die de effecten in productie aantonen;
  4. plan voor overdraagbaarheid en herhaalbaarheid naar gelijkaardige omgevingen.

Artikel 17. (01/12/2025 - Steunintensiteit en selectiecriteria)

De steun bedraagt maximaal 50% van de subsidiabele uitgaven met een plafond van 1.000.000 euro per project. Selectiecriteria en wegingen zijn:

  1. beoogde efficiëntiewinst en onderbouwing: 35 punten;
  2. robustheid en beheerbaarheid van de oplossing: 25 punten;
  3. kosteneffectiviteit: 20 punten;
  4. transfereerbaarheid en opschaalbaarheid: 20 punten.

Een minimale totaalscore van 60 op 100 is vereist.

Hoofdstuk 6. Premies voor aansluiting op een publiek gigabitnetwerk

Artikel 18. (01/12/2025 - Budget, doelgroep en voorwaarden)

Voor het jaar 2026 wordt een budget van 8.000.000 euro voorzien voor premies voor de aansluiting van bestaande residentiële en niet-residentiële gebouwen op een publiek gigabitnetwerk. De premie kan worden aangevraagd door de gebouweigenaar of door de netwerkexploitant met schriftelijke machtiging van de gebouweigenaar. Voorwaarden zijn:

  1. het gebouw is op 01/01/2026 reeds opgetrokken en beschikt niet over een bestaande gigabit-capabele aansluiting;
  2. de aansluiting wordt gerealiseerd na 01/01/2026 en uiterlijk op 31/12/2026 opgeleverd;
  3. de aansluiting is actief of activeringsgereed en voldoet aan de in artikel 2, 5°, bedoelde prestatie-eisen.

Artikel 19. (01/12/2025 - Premiebedragen en cumulatie)

De premie bedraagt:

  1. voor een residentieel gebouw: maximaal 400 euro per unieke aansluitingspuntidentificatie;
  2. voor een niet-residentieel gebouw: maximaal 850 euro per unieke aansluitingspuntidentificatie.

De premie dekt maximaal 50% van de aan de aansluiting toerekenbare kosten exclusief btw. Cumulatie met andere publieke steun voor dezelfde aansluiting is toegestaan tot een gezamenlijk maximum van 80% van de in aanmerking komende kosten. Dubbele financiering is verboden.

Artikel 20. (01/12/2025 - Aanvraag, verificatie en uitbetaling)

De aanvraag bevat minimaal identificatie van het gebouw, bewijs van aansluiting, een kostenoverzicht en, in voorkomend geval, de machtiging aan de netwerkexploitant. Het agentschap controleert de aanvraag op volledigheid en juistheid en kan steekproefsgewijs technische verificaties uitvoeren. De premie wordt uitbetaald na goedkeuring van de aanvraag. Bij foutieve of misleidende informatie wordt de premie geweigerd of teruggevorderd.

Hoofdstuk 7. Rapportering, publiciteit, staatssteun en terugvordering

Artikel 21. (01/12/2025 - Rapportering en publiciteit)

Begunstigden van projectsteun rapporteren halfjaarlijks over voortgang, bestedingen en KPI’s via het door het agentschap voorziene sjabloon. Bij de communicatie over met steun gefinancierde projecten vermelden begunstigden de steun van de Vlaamse overheid volgens de richtlijnen van het agentschap. Het agentschap publiceert een overzicht van de toegekende steun en gerealiseerde indicatoren.

Artikel 22. (01/12/2025 - Staatssteun, cumulatie en terugvordering)

Steun toegekend op grond van dit besluit wordt verleend met inachtneming van de algemene groepsvrijstellingsverordening en, indien van toepassing, de richtsnoeren inzake staatssteun voor breedbandnetwerken. De aanvrager verklaart alle cumulerende steun. Bij schending van de voorwaarden, onrechtmatige cumulatie of vaststelling van onregelmatigheden, kan de minister de steun geheel of gedeeltelijk intrekken en terugvorderen, vermeerderd met interesten overeenkomstig het Vlaams invorderingskader.

Hoofdstuk 8. Slotbepalingen

Artikel 23. (01/12/2025 - Mandaat en uitvoeringsmodaliteiten)

Het agentschap wordt belast met de uitvoering van dit besluit, met inbegrip van de inrichting van het indieningsloket, de samenstelling van de beoordelingscommissies, de opmaak van subsidieovereenkomsten, de uitbetaling en de controle. Het agentschap kan nadere richtlijnen en sjablonen publiceren die de uitvoering van dit besluit preciseren, voor zover ze niet afwijken van de bepalingen ervan.

Artikel 24. (01/12/2025 - Inwerkingtreding)

Dit besluit treedt in werking op 01/12/2025.