Besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 april 2014 betreffende de inning en de consignatie van een som bij de vaststelling van overtredingen inzake de onbemande luchtvaart, wat betreft de verhoging van de bedragen
- Documenttype
- Besluit
- Publicatiedatum
- 14 juni 2026
- Status
- Geldig
- Trefwoorden
- onbemande luchtvaart administratieve sancties boetebedragen inning en consignatie handhaving
De Vlaamse Regering,
Gelet op het koninklijk besluit van 19 april 2014 betreffende de inning en de consignatie van een som bij de vaststelling van overtredingen inzake de onbemande luchtvaart;
Gelet op het decreet van 21 februari 2020 betreffende de administratieve afhandeling van inbreuken in de luchtvaart, artikel 15, dat de Vlaamse Regering machtigt de bedragen van de onmiddellijke inning en van de consignatie te actualiseren;
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 17 januari 2025;
Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op 28 januari 2025;
Gelet op advies nr. 70.841/3 van de Raad van State, gegeven op 24 maart 2025;
Op voorstel van de Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken;
Na beraadslaging,
Hoofdstuk 1. Wijzigingen aan het koninklijk besluit van 19 april 2014 betreffende de inning en de consignatie van een som bij de vaststelling van overtredingen inzake de onbemande luchtvaart
Artikel 1. (01/07/2025 - Verhoging bedragen onmiddellijke inning en consignatie)
In artikel 6 van het koninklijk besluit van 19 april 2014 betreffende de inning en de consignatie van een som bij de vaststelling van overtredingen inzake de onbemande luchtvaart, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 22 maart 2023, worden paragraaf 1 en paragraaf 2 vervangen door wat volgt:
"§ 1. Het bedrag van de onmiddellijke inning bij vaststelling van een overtreding inzake de onbemande luchtvaart wordt vastgesteld op:
- categorie A-overtredingen: 220 euro;
- categorie B-overtredingen: 440 euro;
- categorie C-overtredingen: 900 euro.
Voor de toepassing van het eerste lid worden onder categorie A, B en C respectievelijk verstaan de overtredingen die als dusdanig zijn aangeduid in dit besluit en zijn bijlagen.
§ 2. Indien de onmiddellijke inning niet kan worden uitgevoerd overeenkomstig § 1, wordt bij wijze van consignatie een som gevorderd die overeenkomt met:
- categorie A-overtredingen: 300 euro;
- categorie B-overtredingen: 600 euro;
- categorie C-overtredingen: 1.200 euro.
De consignatie bedoeld in het eerste lid strekt tot waarborg van de betaling van de geldboete die in voorkomend geval wordt opgelegd en wordt verrekend met de definitief verschuldigde sommen."
Artikel 2. (01/01/2026 - Automatische indexering en bekendmaking)
In hetzelfde koninklijk besluit, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 22 maart 2023, wordt in hoofdstuk 3, na artikel 9, een artikel 9/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 9/1. § 1. De in de artikelen 6, § 1 en § 2, vastgestelde bedragen worden jaarlijks op 1 januari automatisch aangepast aan de evolutie van het gezondheidsindexcijfer, met als basisindex het indexcijfer van de maand januari 2025, vastgesteld op 125,62 (basis 2013 = 100).
§ 2. De aangepaste bedragen worden berekend volgens de formule: nieuw bedrag = basisbedrag × (gezondheidsindex van oktober van het voorafgaande jaar / basisindex). De aldus bekomen bedragen worden afgerond naar het dichtst lagere veelvoud van 5 euro.
§ 3. De minister bevoegd voor mobiliteit maakt de jaarlijks aangepaste bedragen uiterlijk op 15 december van het voorafgaande jaar bekend door publicatie in het Belgisch Staatsblad en op de website van de Vlaamse overheid.
§ 4. De geïndexeerde bedragen zijn slechts van toepassing op overtredingen die zijn vastgesteld vanaf de datum van hun inwerkingtreding. Overtredingen vastgesteld vóór die datum blijven onderworpen aan de eerder geldende bedragen."
Hoofdstuk 2. Slotbepalingen
Artikel 3. (01/07/2025 - Inwerkingtreding)
Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2025, met uitzondering van artikel 2, dat in werking treedt op 1 januari 2026.
Voor overtredingen die zijn vastgesteld vóór 1 juli 2025, blijven de bedragen van de onmiddellijke inning en de consignatie zoals die golden op de datum van de vaststelling van de overtreding van toepassing.
Artikel 4. (01/07/2025 - Uitvoering)
De Vlaamse minister, bevoegd voor mobiliteit en openbare werken, is belast met de uitvoering van dit besluit.