Besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 29 mei 2013 betreffende de conformiteitsevaluatie van geautomatiseerde meetinrichtingen voor energiedistributie, wat betreft de invoering van een retributie, de omzetting van Richtlijn (EU) 2024/1262, de uitvoering van uitvoeringsbesluit (EU) 2020/569 en enkele technische aanpassingen

Dit besluit voert een kost in voor de controle van slimme energiemeters, zet nieuwe Europese regels om en past definities en procedures aan.
Samenvatting in gewone taal
Dit besluit wijzigt de regels voor de controle en goedkeuring van geautomatiseerde energiemeters (elektriciteit, gas, warmte en koude). De definities worden geactualiseerd vanaf 1 februari 2026. Zo komt er een duidelijke omschrijving van veilige updates op afstand van de software in de meter. Die updates moeten door de fabrikant worden beheerd en door een erkende keuringsinstelling worden gevalideerd, met garanties over echtheid, ongewijzigdheid en traceerbaarheid. Vanaf 1 juli 2026 wordt een retributie ingevoerd voor het behandelen van aanvragen, ten voordele van het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap. De aanvrager betaalt 420 euro per type of model, plus 0,60 euro per opgegeven meetpunt waar dat type zal worden ingezet, met een maximum van 55.000 euro per dossier. De bedragen worden elk jaar op 1 januari aangepast aan de gezondheidsindex (basis 2025=100). De minister van Energie legt de reken- en afrondingsregels vast. De retributie is verschuldigd bij indiening van een volledig dossier; bij een onvolledig dossier wordt alleen het vaste bedrag aangerekend. Fabrikanten, netbeheerders en klanten profiteren van duidelijkere, veiligere en beter op Europese regels afgestemde procedures.
Documenttype
Besluit
Publicatiedatum
25 april 2026
Status
Geldig
Trefwoorden
Conformiteitsevaluatie meetinrichtingen energiedistributie retributie EU-richtlijn koninklijk besluit

INHOUDSTAFEL

Hoofdstuk 1. Wijzigingen van het koninklijk besluit van 29 mei 2013 betreffende de conformiteitsevaluatie van geautomatiseerde meetinrichtingen voor energiedistributie
Afdeling 1. Wijzigingen in het kader van de invoering van een retributie, de uitvoering van uitvoeringsbesluit (EU) 2020/569 en technische aanpassingen
Afdeling 2. Omzetting van Richtlijn (EU) 2024/1262
Hoofdstuk 2. Slotbepalingen

Hoofdstuk 1. Wijzigingen van het koninklijk besluit van 29 mei 2013 betreffende de conformiteitsevaluatie van geautomatiseerde meetinrichtingen voor energiedistributie

Afdeling 1. Wijzigingen in het kader van de invoering van een retributie, de uitvoering van uitvoeringsbesluit (EU) 2020/569 en technische aanpassingen

Artikel 1. (01/02/2026 - Aanpassing en aanvulling van definities)

In artikel 2 van het koninklijk besluit van 29 mei 2013 betreffende de conformiteitsevaluatie van geautomatiseerde meetinrichtingen voor energiedistributie, het laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 14 maart 2024, worden in paragraaf 1, de punten 3° en 7° vervangen door wat volgt, en wordt een punt 12° ingevoegd, dat luidt als volgt:

"3° geautomatiseerde meetinrichting: een meetinrichting voor elektriciteit, gas, warmte of koude, die uitgerust is met een verwerkings- en communicatiemodule voor automatische registratie, opslag, versleuteling en doorgifte van meetgegevens, inclusief de firmware die deze functies aanstuurt;

7° conformiteitsevaluatiemodule: een in dit besluit opgenomen procedure of combinatie van procedures voor conformiteitsevaluatie zoals bedoeld in bijlage II bij dit besluit, waaronder de modules B, D, F1 en H;

12° beveiligde externe update: een door de fabrikant gecontroleerde en door de aangemelde instantie gevalideerde procedure om firmware of beveiligingsparameters op afstand te wijzigen met waarborgen inzake authenticiteit, integriteit en traceerbaarheid."

Artikel 2. (01/07/2026 - Invoering van een retributiehoofdstuk)

In hetzelfde besluit wordt na artikel 30 een hoofdstuk 6 ingevoegd, dat luidt als volgt:

"Hoofdstuk 6. Retributies

Art. 30/1. §1. Voor de behandeling van een aanvraag tot conformiteitsevaluatie van een geautomatiseerde meetinrichting wordt een retributie geheven ten voordele van het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap.

§2. De retributie bestaat uit:

1° een vast dossierrecht van 420 euro per type of model van meetinrichting; en

2° een variabele bijdrage van 0,60 euro per in het dossier opgegeven meetpunt waarvoor het type of model wordt ingezet, met een bovengrens van 55.000 euro per dossier.

§3. De bedragen vermeld in §2 worden jaarlijks op 1 januari geïndexeerd op basis van het gezondheidsindexcijfer (basis 2025=100). De berekeningswijze en afrondingsregels worden vastgesteld door de Vlaamse minister, bevoegd voor Energie.

§4. De retributie is verschuldigd bij de indiening van een volledig dossier. Bij onvolledigheid van het dossier wordt uitsluitend het vast dossierrecht aangerekend. Bij intrekking van de aanvraag na de start van technische beoordeling of beproeving is de volledige retributie verschuldigd.

§5. Vrijstelling van de variabele bijdrage is mogelijk voor proefprojecten met maximaal 500 meetpunten en een looptijd van maximaal 18 maanden, mits voorafgaande schriftelijke toestemming van het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap.

§6. De retributie wordt niet in mindering gebracht op eventuele vergoedingen van aangemelde instanties en staat los van de vergoedingen die door fabrikanten of operatoren aan private instellingen worden betaald."

Artikel 3. (01/02/2026 - Verwijzing naar uitvoeringsbesluit (EU) 2020/569)

In hetzelfde besluit, in bijlage I, deel B, wordt punt 2 vervangen door wat volgt:

"2. De evaluatie van de functionaliteiten inzake gegevensbescherming, communicatiebeveiliging, logging en beveiligde externe updates verloopt overeenkomstig de relevante technische specificaties van uitvoeringsbesluit (EU) 2020/569, bijlage I, punten 3 tot en met 7, onverminderd strengere vereisten die in dit besluit zijn opgenomen. De testresultaten vermelden minstens: gebruikte versies van cryptografische bibliotheken, sleutelbeheerprocedures, herstelmechanismen en auditsporen over gedurende de test uitgevoerde updates."

Artikel 4. (01/02/2026 - Heffings- en invorderingsbevoegdheid)

In hetzelfde besluit wordt in artikel 5 een paragraaf 3 ingevoegd, die luidt als volgt:

"§3. Het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap is belast met de heffing, inning en invordering van de retributie vermeld in artikel 30/1, en met de vaststelling van betaalmodaliteiten, waaronder termijnen, betaalmiddelen en referte-informatie. Het agentschap kan hiervoor elektronische betalingsmiddelen en een digitaal dossierportaal aanwenden."

Artikel 5. (01/02/2026 - Technische en terminologische aanpassingen)

In hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:

1° overal waar "Minister van Economie" voorkomt, wordt vervangen door "Vlaamse minister, bevoegd voor Energie";

2° in artikel 11, §2, worden de woorden "module F" vervangen door "module F1";

3° in artikel 17, tweede lid, worden de woorden "telemetrische module" vervangen door "communicatiemodule".

Afdeling 2. Omzetting van Richtlijn (EU) 2024/1262

Artikel 6. (01/02/2026 - Harmonisatie van conformiteitsevaluatiemodules)

In hetzelfde besluit wordt artikel 12 vervangen door wat volgt:

"Art. 12. §1. De fabrikant kiest voor de conformiteitsevaluatie van geautomatiseerde meetinrichtingen één van de volgende modules of modulecombinaties, overeenkomstig de bepalingen van Richtlijn (EU) 2024/1262:

1° module B (EU-typeonderzoek) gevolgd door module D (conformiteit met het type op basis van kwaliteitsborging van het productieproces);

2° module B gevolgd door module F1 (conformiteit op basis van productkeuring);

3° module H (conformiteit op basis van volledige kwaliteitsborging, met ontwerpbeoordeling).

§2. Onverminderd §1 omvat de conformiteitsevaluatie tevens de beoordeling van software, beveiligde externe updates en de integriteit van communicatie, wanneer deze functies noodzakelijk zijn voor de beoogde metrologische prestaties en gegevensoverdracht."

Artikel 7. (01/02/2026 - Functionele en cybersecurity-eisen)

In hetzelfde besluit wordt na artikel 12 een artikel 12/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:

"Art. 12/1. §1. Geautomatiseerde meetinrichtingen voldoen aan minimale functionele en cybersecurity-eisen als volgt:

1° elke wijziging aan metrologisch relevante software is onderworpen aan authenticiteits- en integriteitscontroles en wordt gelogd met datum, tijdstip, uitgevoerde handeling en unieke operatoridentificatie;

2° communicatie tussen de meetinrichting en externe systemen is end-to-end beschermd met actuele cryptografische algoritmen en sleutelgroottes die minstens gelijkwaardig zijn aan de op het ogenblik van beoordeling door de Commissie aanbevolen parameters;

3° de inrichting ondersteunt een beveiligde externe update en een rollbackmechanisme naar de laatst gevalideerde versie;

4° standaardwachtwoorden zijn verboden en initiële configuratie vereist unieke referenties per toestel.

§2. De fabrikant documenteert het updatebeleid, inclusief ondersteuningstermijnen, terugroepprocedures en kanalen voor kwetsbaarheidsmeldingen."

Artikel 8. (01/02/2026 - Markeringen en digitale informatie)

In hetzelfde besluit wordt artikel 15 vervangen door wat volgt:

"Art. 15. §1. De CE-markering en de aanvullende metrologische markering worden zichtbaar, leesbaar en onuitwisbaar op de meetinrichting of, indien dit niet mogelijk is, op de verpakking en de begeleidende documenten aangebracht.

§2. Onverminderd §1 stelt de fabrikant een digitaal informatiebestand ter beschikking via een machineleesbare QR-code op de behuizing of op het typeplaatje. Het digitaal informatiebestand bevat ten minste: het unieke identificatienummer, softwareversie(s) die metrologie beïnvloeden, het conformiteitsevaluatiemodel, het type beveiligde externe update en de geldigheidsduur van de beveiligingsondersteuning.

§3. De technische inhoud van de QR-code volgt een open, gedocumenteerd formaat dat gedurende ten minste 10 jaar na het einde van de productie ondersteund blijft."

Artikel 9. (01/02/2026 - Overgangsbepalingen binnen het gewijzigde besluit)

In hetzelfde besluit wordt een artikel 36/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:

"Art. 36/1. §1. Meetinrichtingen waarvoor de conformiteitsevaluatie is aangevraagd vóór 1 januari 2026, mogen nog tot en met 30 juni 2027 in de handel worden gebracht en in gebruik worden genomen op basis van de vóór die datum geldende bepalingen.

§2. De bepalingen van artikel 12/1 zijn niet van toepassing op meetinrichtingen als bedoeld in §1 gedurende de in §1 bedoelde termijn, tenzij de fabrikant ervoor kiest deze vrijwillig toe te passen en dit in de EU-conformiteitsverklaring opneemt.

§3. Bij significante softwarewijzigingen na 30 juni 2027 zijn de artikelen 12, 12/1 en 15 integraal van toepassing."

Hoofdstuk 2. Slotbepalingen

Artikel 10. (01/02/2026 - Inwerkingtreding)

Dit besluit treedt in werking op 1 februari 2026, met uitzondering van artikel 2, dat in werking treedt op 1 juli 2026. Voor aanvragen tot conformiteitsevaluatie die vóór 1 februari 2026 zijn ingediend, blijven de vóór die datum geldende bepalingen van toepassing, onverminderd artikel 9.

Artikel 11.

Dit artikel is nog niet in werking. Hieronder vindt u de eerste "toekomstige versie".

( Datum afhankelijk van externe gebeurtenis - Vaststelling indexatiemethode retributies )

De Vlaamse minister, bevoegd voor Energie, bepaalt bij ministerieel besluit de nadere regels voor de toepassing van artikel 30/1, §3, met inbegrip van de referentie-index, de rekenformule, de afrondingsregels en de wijze van bekendmaking van de geïndexeerde bedragen. Het ministerieel besluit treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgend op de publicatie ervan in het Belgisch Staatsblad.