Decreet over het stelsel van mandaatkrediet
- Documenttype
- Decreet
- Publicatiedatum
- 26 juni 2026
- Status
- Geldig
- Trefwoorden
- mandaatkrediet publieke mandaten werknemers vergoeding toezicht en sancties persoonsgegevens
INHOUDSTAFEL
Hoofdstuk 1. Inleidende bepaling en definities
Hoofdstuk 2. Mandaatkrediet
Hoofdstuk 3. Aanvraag van het mandaatkrediet
Hoofdstuk 4. Begeleiding bij mandaatopname
Afdeling 1. Voorwaarden voor begeleiding
Afdeling 2. Mandaatcoach
Hoofdstuk 5. Vergoeding mandaatkrediet
Hoofdstuk 6. Beroepsprocedure
Hoofdstuk 7. Toezicht en sancties
Hoofdstuk 8. Evaluatie
Hoofdstuk 9. Verwerking van persoonsgegevens
Hoofdstuk 10. Samenloop met andere regelingen
Hoofdstuk 11. Budgettaire bepalingen
Hoofdstuk 12. Toezicht door het sociaalrechtelijk inspectiekader
Hoofdstuk 13. Oprichting en taken van het Vlaams Steunpunt Mandaten
Hoofdstuk 14. Slotbepalingen
Het Vlaams Parlement heeft en wij, Vlaamse Regering, bekrachtigen hetgeen volgt:
Hoofdstuk 1. Inleidende bepaling en definities
Artikel 1. ( 01/04/2026 - Toepassingsgebied )
Dit decreet regelt het stelsel van het mandaatkrediet voor werknemers en personeelsleden die tijdelijk een mandaat met publiek of maatschappelijk belang opnemen in een organisatie die gevestigd is in het Nederlandse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad, met inbegrip van Vlaamse openbare entiteiten, lokale besturen, gesubsidieerde instellingen en privaatrechtelijke organisaties met een erkende publieke opdracht.
Artikel 2. ( 01/04/2026 - Doelstellingen )
Het mandaatkrediet heeft tot doel:
- de instroom en doorstroom naar mandaatfuncties te bevorderen;
- de continuïteit van werkgevers te waarborgen door voorspelbare afwezigheden of werkhervormingen mogelijk te maken;
- kwaliteitsvolle begeleiding en ondersteuning van mandaatnemers te verzekeren;
- transparante en doelmatige besteding van publieke middelen te garanderen.
Artikel 3. ( 01/04/2026 - Definities )
Voor de toepassing van dit decreet wordt verstaan onder:
- mandaat: een tijdelijke, functiegebonden opdracht met een duidelijk omschreven doel, verantwoordelijkheid en resultaatverbintenis, vervuld binnen een organisatie met een publieke of maatschappelijk relevante opdracht;
- mandaatkrediet: de door de Vlaamse overheid ondersteunde mogelijkheid voor een werknemer of personeelslid om gedurende een bepaalde duur en met een bepaald percentage de arbeidsprestaties aan te passen met het oog op het opnemen of uitoefenen van een mandaat;
- mandaatnemer: de natuurlijke persoon die een mandaat opneemt en die aanspraak maakt op mandaatkrediet;
- werkgever: de natuurlijke of rechtspersoon met wie de mandaatnemer een arbeidsovereenkomst dan wel een statutaire rechtspositie heeft op het ogenblik van de aanvraag;
- mandaatinstelling: de organisatie waarin het mandaat wordt uitgeoefend;
- referentie-uurvolume: het gemiddelde wekelijkse arbeidsduurregime van de mandaatnemer in de twaalf maanden voorafgaand aan de aanvraag;
- kredietpercentage: het deel van het referentie-uurvolume dat in het kader van het mandaatkrediet wordt omgezet in mandaatstijd, uitgedrukt in procent;
- Vlaams Steunpunt Mandaten (VSM): de door de Vlaamse Regering aangewezen entiteit belast met de uitvoering van dit decreet.
Hoofdstuk 2. Mandaatkrediet
Artikel 4. ( 01/04/2026 - Recht op mandaatkrediet )
Een werknemer of personeelslid die een erkend mandaat opneemt, heeft, onder de voorwaarden van dit decreet, recht op mandaatkrediet.
Artikel 5. ( 01/04/2026 - Erkenning van het mandaat )
Een mandaat komt in aanmerking voor mandaatkrediet indien:
- het schriftelijk is vastgesteld met omschrijving van duur, doelstellingen en verwachte resultaten;
- de mandaatinstelling aantoont dat het mandaat publiek of maatschappelijk belang dient;
- geen loon- of arbeidsvoorwaardenondermijning ontstaat bij de werkgever van de mandaatnemer.
Artikel 6. ( 01/04/2026 - Duur en kredietpercentage )
Het mandaatkrediet bedraagt maximaal 24 maanden per mandaat en 48 maanden over de gehele loopbaan. Het kredietpercentage bedraagt ten minste 20% en ten hoogste 80% van het referentie-uurvolume. De Vlaamse Regering kan per categorie van mandaten afwijkende maxima vaststellen.
Artikel 7. ( 01/04/2026 - Opschorting en beëindiging )
Het mandaatkrediet wordt opgeschort bij:
- tijdelijke arbeidsongeschiktheid van meer dan 14 kalenderdagen;
- schorsing van de uitoefening van het mandaat door de mandaatinstelling;
- mutual agreement tussen mandaatnemer en werkgever, na voorafgaande kennisgeving aan het VSM.
Artikel 8. ( 01/04/2026 - Cumul en onverenigbaarheden )
Mandaatkrediet kan niet gecumuleerd worden met tijdskrediet, loopbaanonderbreking of andere publiek gefinancierde verlofstelsels met gelijkaardige doelstellingen voor dezelfde periode. Onverenigbaar zijn mandaten die strijdig zijn met de deontologische regels of belangenconflicten creëren. De Vlaamse Regering stelt een lijst van onverenigbaarheden vast.
Artikel 9. ( 01/04/2026 - Gelijke behandeling )
Elke vorm van discriminatie bij toegang tot, gebruik van en terugkeer uit mandaatkrediet is verboden. Werkgevers nemen passende maatregelen om de werkorganisatie aan te passen en ongeoorloofde benadeling te voorkomen.
Artikel 10. ( 01/04/2026 - Terugkeer en re-integratie )
Na het mandaatkrediet keert de mandaatnemer terug naar de functie of een gelijkwaardige functie met behoud van verworven anciënniteit en rechten. De werkgever stelt in overleg een re-integratieplan op binnen dertig kalenderdagen na de terugkeer.
Artikel 11. ( 01/04/2026 - Plafonds per mandaatinstelling )
De Vlaamse Regering kan jaarlijkse plafonds vaststellen voor het aantal gelijktijdige mandaatkredieten per mandaatinstelling, rekening houdend met de begrotingsenveloppe en de spreiding over sectoren.
Hoofdstuk 3. Aanvraag van het mandaatkrediet
Artikel 12. ( 01/04/2026 - Indienen van de aanvraag )
De mandaatnemer dient de aanvraag elektronisch in bij het VSM, ten vroegste zes maanden en ten laatste zes weken voor de beoogde startdatum. De aanvraag bevat ten minste:
- identificatiegegevens van mandaatnemer, werkgever en mandaatinstelling;
- het mandaatcontract of -besluit met duur, doelstellingen en tijdsbesteding;
- het gewenste kredietpercentage en de beoogde periode;
- een verklaring van de werkgever over de werkorganisatie tijdens de kredietperiode.
Artikel 13. ( 01/04/2026 - Ontvankelijkheid en volledigheid )
Het VSM bevestigt binnen tien kalenderdagen de ontvangst en beoordeelt de ontvankelijkheid. Bij onvolledigheid krijgt de aanvrager een termijn van vijftien kalenderdagen om te vervolledigen. Bij gebrek aan vervollediging wordt de aanvraag onontvankelijk verklaard.
Artikel 14. ( 01/04/2026 - Beoordeling en beslissing )
Het VSM beslist binnen dertig kalenderdagen na volledigheid over de toekenning. De beslissing is met redenen omkleed en vermeldt het kredietpercentage, de duur en, in voorkomend geval, voorwaarden. Bij overschrijding van de beslistermijn zonder bericht geldt de aanvraag niet als stilzwijgend aanvaard.
Artikel 15. ( 01/04/2026 - Prioriteitsregels )
Bij gelijktijdige aanvragen die het beschikbare budget overschrijden, past het VSM prioriteitsregels toe, waarbij onder meer worden gewogen:
- maatschappelijke impact van het mandaat;
- evenwichtige sectorale spreiding;
- eerste-opname van mandaatkrediet door de aanvrager;
- gelijkheid tussen vrouwen en mannen in mandaatinstellingen.
Artikel 16. ( 01/04/2026 - Kennisgeving )
Het VSM zendt de beslissing aan de mandaatnemer, de werkgever en de mandaatinstelling. De beslissing bevat informatie over betalingsmodaliteiten, verplichtingen en beroepsmogelijkheden.
Artikel 17. ( 01/04/2026 - Wijziging van de toekenning )
Elke wijziging aan duur, kredietpercentage of mandaatinhoud wordt vooraf schriftelijk aangevraagd bij het VSM. Zonder voorafgaande schriftelijke toestemming blijft de oorspronkelijke toekenning van kracht.
Artikel 18. ( 01/04/2026 - Intrekking )
Het VSM kan de toekenning geheel of gedeeltelijk intrekken bij bedrog, onjuiste verklaringen, schending van voorwaarden of onverenigbaarheid. Vooraf wordt de belanghebbende gehoord of minstens daartoe uitgenodigd.
Hoofdstuk 4. Begeleiding bij mandaatopname
Artikel 19. ( 01/04/2026 - Doel van begeleiding )
De begeleiding heeft tot doel de kwaliteit van de mandaatuitoefening te verhogen, de verbinding met de werkgever te onderhouden en de terugkeer te faciliteren.
Artikel 20. ( 01/04/2026 - Instrumenten van begeleiding )
De begeleiding omvat onder meer:
- een startassessment van competenties en ontwikkelpunten;
- individuele coaching tijdens de mandaatperiode;
- ondersteuning bij het re-integratieplan;
- toegang tot een kennis- en leernetwerk gecoördineerd door het VSM.
Artikel 21. ( 01/04/2026 - Financiering van begeleiding )
Het VSM kent per toegekend mandaatkrediet een begeleidingsvoucher toe met een maximale waarde en bestedingsvoorwaarden bepaald door de Vlaamse Regering.
Artikel 22. ( 01/04/2026 - Samenwerkingsakkoorden )
Het VSM kan met erkende opleidings- en coachingsaanbieders samenwerkingsakkoorden sluiten. Deze akkoorden bepalen minimaal de kwaliteitsnormen, rapporteringsverplichtingen en tarieven.
Afdeling 1. Voorwaarden voor begeleiding
Artikel 23. ( 01/04/2026 - Toelatingsvoorwaarden )
De mandaatnemer komt in aanmerking voor begeleiding indien het mandaatkrediet is toegekend en de mandaatinstelling instemt met deelname aan de basisrapportering rond mandaatresultaten.
Artikel 24. ( 01/04/2026 - Vrijstellingen )
De mandaatnemer kan, op gemotiveerd verzoek en na advies van de mandaatinstelling en de werkgever, vrijstelling verkrijgen van bepaalde begeleidingsonderdelen indien aantoonbaar gelijkwaardige ondersteuning aanwezig is.
Artikel 25. ( 01/04/2026 - Verplichtingen tijdens de begeleiding )
De mandaatnemer neemt deel aan minimaal drie contactmomenten per mandaatjaar en levert de gevraagde informatie aan voor monitoring en evaluatie. Niet-naleving kan aanleiding geven tot vermindering of terugvordering van de begeleidingsvoucher.
Artikel 26. ( 01/04/2026 - Weigering of stopzetting )
Het VSM kan begeleiding weigeren of stopzetten bij ernstige schending van de deontologische code, manifeste nalatigheid of misbruik. De beslissing is gemotiveerd en vatbaar voor beroep.
Afdeling 2. Mandaatcoach
Artikel 27. ( 01/04/2026 - Erkenning van mandaatcoaches )
Een natuurlijke persoon of rechtspersoon kan erkend worden als mandaatcoach indien voldaan is aan:
- minimaal vijf jaar relevante ervaring in leiderschaps- of mandaatbegeleiding;
- aantoonbare methodiek en kwaliteitsborging;
- onafhankelijkheid ten aanzien van de mandaatinstelling en de werkgever.
Artikel 28. ( 01/04/2026 - Deontologische code )
Erkende mandaatcoaches onderschrijven een door het VSM vastgestelde deontologische code die onder meer regels bevat inzake vertrouwelijkheid, belangenconflicten en professionele integriteit.
Artikel 29. ( 01/04/2026 - Vergoeding van coaches )
Vergoedingen worden uitsluitend betaald met de begeleidingsvoucher of middelen van de mandaatinstelling. Het VSM stelt maximumbedragen en facturatievoorwaarden vast. Verboden zijn succesfee’s of resultaatsafhankelijke vergoedingen.
Artikel 30. ( 01/04/2026 - Schorsing en intrekking van erkenning )
Het VSM kan de erkenning schorsen of intrekken bij niet-naleving van de erkenningsvoorwaarden, ernstige tekortkomingen of fraude. De coach wordt vooraf gehoord of minstens daartoe uitgenodigd.
Artikel 31. ( 01/04/2026 - Kwaliteitsbewaking )
Erkende coaches leveren jaarlijks een activiteitenrapport aan het VSM. Het VSM voert periodieke audits uit en publiceert een geactualiseerde lijst van erkende coaches.
Hoofdstuk 5. Vergoeding mandaatkrediet
Artikel 32. ( 01/04/2026 - Individuele tegemoetkoming )
De mandaatnemer ontvangt gedurende het mandaatkrediet een maandelijkse tegemoetkoming, berekend als een forfaitair bedrag per kredietpercentagepunt, met een minimum- en maximumbedrag vastgesteld door de Vlaamse Regering. De tegemoetkoming is niet overdraagbaar en niet vatbaar voor beslag, behoudens schulden aan de overheid.
Artikel 33. ( 01/04/2026 - Tegemoetkoming aan de werkgever )
De werkgever kan een compensatie ontvangen voor vervangingskosten of werkherorganisatie. De compensatie is forfaitair en afhankelijk van het kredietpercentage en de duur. De voorwaarden en plafonds worden door de Vlaamse Regering bepaald.
Artikel 34. ( 01/04/2026 - Betalingsmodaliteiten )
Het VSM betaalt de tegemoetkomingen maandelijks achteraf op basis van aanwezigheid en voortgangsverklaringen. Onverschuldigde betalingen worden verrekend met toekomstige uitkeringen of teruggevorderd.
Artikel 35. ( 01/04/2026 - Indexering )
De tegemoetkomingen worden jaarlijks op 1 januari geïndexeerd op basis van de gezondheidsindex, volgens een modaliteit vastgesteld door de Vlaamse Regering.
Artikel 36. ( 01/04/2026 - Cumulatieregels )
De tegemoetkomingen kunnen niet gecumuleerd worden met gelijkaardige vergoedingen uit andere overheidsregelingen voor dezelfde periode. Cumul met vergoedingen die de mandaatinstelling uitkeert voor mandaatgebonden kosten is toegestaan binnen door de Vlaamse Regering vastgelegde grenzen.
Artikel 37. ( 01/04/2026 - Terugvordering en kwijtschelding )
Onterecht ontvangen tegemoetkomingen worden teruggevorderd. Het VSM kan, op gemotiveerd verzoek en na belangenafweging, geheel of gedeeltelijk kwijtschelden bij afwezigheid van schuld en in geval van disproportionele gevolgen.
Hoofdstuk 6. Beroepsprocedure
Artikel 38. ( 01/04/2026 - Intern administratief beroep )
Tegen beslissingen van het VSM kan de belanghebbende binnen dertig kalenderdagen een gemotiveerd beroep indienen bij het beroepscollege van het VSM. Het beroepscollege beslist binnen vijfenveertig kalenderdagen na volledigheid.
Artikel 39. ( 01/04/2026 - Schorsende werking )
Het beroep heeft geen automatische schorsende werking. Het beroepscollege kan, bij hoogdringendheid en risico op ernstig nadeel, voorlopige maatregelen nemen.
Artikel 40. ( 01/04/2026 - Hoorrecht en motivering )
De appellant wordt desgevraagd gehoord. Beslissingen zijn met redenen omkleed en vermelden het rechtsmiddel en de termijnen voor verdere beroepen bij de bevoegde rechtscolleges.
Artikel 41. ( 01/04/2026 - Kosteloosheid )
Het interne administratieve beroep is kosteloos. Partijen dragen hun eigen kosten.
Hoofdstuk 7. Toezicht en sancties
Artikel 42. ( 01/10/2026 - Toezichtbevoegdheid )
Het VSM oefent toezicht uit op de naleving van dit decreet en de uitvoeringsbesluiten. Het kan daartoe gegevens opvragen, plaatsbezoeken doen en steekproeven uitvoeren.
Artikel 43. ( 01/10/2026 - Medewerkingsplicht )
Mandaatnemers, werkgevers, mandaatinstellingen en coaches verlenen alle medewerking aan het toezicht en verstrekken tijdig, juist en volledig de gevraagde inlichtingen en stukken.
Artikel 44. ( 01/10/2026 - Administratieve geldboeten )
Bij inbreuken kan het VSM administratieve geldboeten opleggen binnen de grenzen bepaald door de Vlaamse Regering, rekening houdend met de ernst, de duur en de herhaling van de inbreuk.
Artikel 45. ( 01/10/2026 - Procedure voor sancties )
Voorafgaand aan een sanctie wordt een proces-verbaal opgesteld en een voornemen tot sanctionering betekend. De betrokken partij krijgt een termijn van twintig kalenderdagen om verweer te voeren. De beslissing is met redenen omkleed en vermeldt de beroepsmogelijkheden.
Artikel 46. ( 01/10/2026 - Verjaring )
De bevoegdheid tot het opleggen van administratieve sancties verjaart drie jaar na de dag waarop de inbreuk is gepleegd of, bij voortdurende inbreuken, drie jaar na de dag waarop zij is opgehouden.
Artikel 47. ( 01/10/2026 - Publicatie van sancties )
Het VSM kan geanonimiseerde samenvattingen van definitieve sanctiebeslissingen publiceren met het oog op transparantie en preventie.
Hoofdstuk 8. Evaluatie
Artikel 48. ( 01/04/2026 - Monitoring )
Het VSM ontwikkelt een monitoringskader met indicatoren inzake toegankelijkheid, doorstroom, kwaliteit van mandaatuitoefening, terugkeer en budgettaire doeltreffendheid.
Artikel 49. ( 01/04/2026 - Periodieke evaluatie )
De Vlaamse Regering bezorgt driejaarlijks, op basis van een rapport van het VSM, aan het Vlaams Parlement een evaluatie van het stelsel met voorstellen tot bijsturing.
Artikel 50. ( 01/04/2026 - Externe doorlichting )
Minstens om de zes jaar laat de Vlaamse Regering een externe doorlichting uitvoeren door een onafhankelijke evaluator.
Hoofdstuk 9. Verwerking van persoonsgegevens
Artikel 51. ( 01/04/2026 - Verwerkingsverantwoordelijke )
Het VSM is verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerkingen van persoonsgegevens in het kader van dit decreet. Het VSM kan verwerkers aanstellen met naleving van de toepasselijke regelgeving inzake gegevensbescherming.
Artikel 52. ( 01/04/2026 - Verwerkingsdoeleinden en rechtsgrond )
De verwerking dient voor:
- behandeling van aanvragen en uitbetaling van tegemoetkomingen;
- toezicht, audit en fraudepreventie;
- monitoring en evaluatie, met gebruik van geanonimiseerde of gepseudonimiseerde gegevens waar mogelijk.
Artikel 53. ( 01/04/2026 - Categorieën van gegevens )
Het VSM verwerkt identificatie- en contactgegevens, arbeids- en mandaatgegevens, financiële gegevens voor uitbetaling, en, indien strikt noodzakelijk, gegevens over de professionele bekwaamheid. Gegevens over gezondheid worden enkel verwerkt voor de toepassing van artikel 7 en met passende waarborgen.
Artikel 54. ( 01/04/2026 - Gegevensuitwisseling )
Het VSM kan gegevens uitwisselen met werkgevers, mandaatinstellingen, erkende coaches, inspectiediensten en andere overheidsinstanties voor zover noodzakelijk en proportioneel. De Vlaamse Regering bepaalt de modaliteiten en waarborgen.
Artikel 55. ( 01/04/2026 - Bewaartermijnen )
Persoonsgegevens worden bewaard gedurende tien jaar na het einde van het mandaatkrediet, behoudens langere termijnen opgelegd door bijzondere wetgeving of voor het bewijs van rechten in rechte. Nadien worden zij geanonimiseerd of gewist.
Artikel 56. ( 01/04/2026 - Beveiligingsmaatregelen )
Het VSM neemt passende technische en organisatorische maatregelen, waaronder toegangsbeheer, logging, versleuteling en periodieke kwetsbaarheidsaudits.
Artikel 57. ( 01/04/2026 - Rechten van betrokkenen en functionaris voor gegevensbescherming )
Betrokkenen oefenen hun rechten op inzage, rectificatie, beperking en bezwaar uit bij het VSM. Het VSM wijst een functionaris voor gegevensbescherming aan en publiceert diens contactgegevens.
Hoofdstuk 10. Samenloop met andere regelingen
Artikel 58. ( 01/04/2026 - Verhouding tot federale en Vlaamse verlofstelsels )
Dit decreet laat de toepassing van federale en Vlaamse verlofstelsels onverlet, behoudens wanneer in dit decreet uitdrukkelijk onverenigbaarheden zijn bepaald. Bij samenloop geldt de meest specifieke regeling.
Artikel 59. ( 01/04/2026 - Anticumul en afstemming )
Het VSM stemt de uitvoering af met beheerders van andere stelsels om dubbele financiering of tegenstrijdige verplichtingen te vermijden. Waar nodig worden protocollen van samenwerking gesloten.
Artikel 60. ( 01/04/2026 - Mandaten buiten het Vlaamse grondgebied )
Mandaten uitgeoefend buiten het Vlaamse grondgebied komen slechts in aanmerking indien substantiële impact op Vlaanderen wordt aangetoond en gegevensuitwisseling verzekerd is.
Artikel 61. ( 01/04/2026 - Conflictenbeslechting )
Bij interpretatiegeschillen over samenloop tussen dit decreet en andere regelingen beslist de Vlaamse Regering, onverminderd het recht op beroep bij de bevoegde rechtscolleges.
Hoofdstuk 11. Budgettaire bepalingen
Artikel 62. ( 01/01/2026 - Mandaatkredietfonds )
Er wordt binnen de algemene uitgavenbegroting een Mandaatkredietfonds opgericht, beheerd door het VSM, waarvan de middelen uitsluitend worden aangewend voor de uitvoering van dit decreet.
Artikel 63. ( 01/01/2026 - Kredietbeheer en vastleggingsmachtiging )
De Vlaamse Regering stelt jaarlijks de betalings- en vastleggingskredieten vast. Het VSM kan verbintenissen aangaan binnen de grenzen van de vastleggingsmachtiging.
Artikel 64. ( 01/01/2026 - Boekhoudkundige verwerking )
Het VSM boekt verplichtingen en uitgaven conform de toepasselijke overheidsboekhoudnormen. Niet-bestede middelen kunnen, binnen de perken bepaald door de Vlaamse Regering, overgedragen worden naar het volgende begrotingsjaar.
Artikel 65. ( 01/01/2026 - Controle en audit )
Het Mandaatkredietfonds is onderworpen aan interne controle en aan audit door het Rekenhof en de inspectie van Financiën. Het VSM werkt corrigerende actieplannen uit naar aanleiding van auditbevindingen.
Artikel 66. ( 01/01/2026 - Rapportering )
Het VSM rapporteert elk kwartaal aan de Vlaamse Regering over de uitvoering, kasstromen, ramingen en risico’s. Jaarlijks wordt een openbaar jaarverslag gepubliceerd.
Hoofdstuk 12. Toezicht door het sociaalrechtelijk inspectiekader
Artikel 67. ( 01/10/2026 - Aanstelling van inspecteurs )
De Vlaamse Regering kan inspecteurs aanwijzen binnen het VSM of andere bevoegde diensten voor het toezicht op de naleving van dit decreet.
Artikel 68. ( 01/10/2026 - Bevoegdheden )
Inspecteurs beschikken over de bevoegdheid tot inzage van stukken, toegang tot bedrijfsruimten tijdens de werkuren, het verhoor van betrokkenen en het vorderen van afgifte van relevante gegevens, met eerbiediging van de toepasselijke rechtswaarborgen.
Artikel 69. ( 01/10/2026 - Samenwerking )
Het VSM sluit samenwerkingsprotocollen met federale en Vlaamse inspectiediensten voor informatie-uitwisseling, gezamenlijke acties en afstemming van werkzaamheden.
Artikel 70. ( 01/10/2026 - Afhandeling van inbreuken )
Stellen inspecteurs een inbreuk vast, dan wordt een proces-verbaal opgesteld en overgemaakt aan het VSM voor verdere administratieve afhandeling overeenkomstig hoofdstuk 7.
Hoofdstuk 13. Oprichting en taken van het Vlaams Steunpunt Mandaten
Artikel 71. ( 01/01/2026 - Oprichting )
Er wordt een Vlaams Steunpunt Mandaten (VSM) opgericht als interne verzelfstandigde dienst van de Vlaamse overheid, belast met de uitvoering van dit decreet.
Artikel 72. ( 01/01/2026 - Taken )
Het VSM is belast met:
- behandeling van aanvragen en toekenning van mandaatkrediet;
- beheer van tegemoetkomingen en het Mandaatkredietfonds;
- erkenning en audit van mandaatcoaches;
- toezicht, sanctionering en fraudepreventie;
- monitoring, evaluatie en rapportering;
- communicatie en kennisdeling.
Artikel 73. ( 01/01/2026 - Bestuur en besluitvorming )
Het VSM beschikt over een directiecomité en een onafhankelijk beroepscollege. De samenstelling, werking en deontologische regels worden door de Vlaamse Regering vastgesteld, met waarborg van deskundigheid en gendergelijkheid.
Artikel 74. ( 01/01/2026 - Financiering )
Het VSM wordt gefinancierd via dotaties uit de Vlaamse begroting, de middelen van het Mandaatkredietfonds en, in voorkomend geval, vergoedingen voor geleverde diensten bepaald door de Vlaamse Regering.
Artikel 75. ( 01/01/2026 - Gegevensbeheer en ICT )
Het VSM bouwt en beheert een digitaal loket en de noodzakelijke gegevensbanken. De Vlaamse Regering bepaalt de interoperabiliteits- en beveiligingsnormen.
Artikel 76. ( 01/01/2026 - Samenwerking met derden )
Het VSM kan, binnen zijn opdracht, samenwerken met publieke en private partners via raamovereenkomsten, met eerbiediging van de regelgeving inzake overheidsopdrachten.
Hoofdstuk 14. Slotbepalingen
Artikel 77. ( 01/01/2026 - Uitvoeringsbevoegdheid )
De Vlaamse Regering neemt de uitvoeringsmaatregelen die nodig zijn voor de uitvoering van dit decreet, waaronder de vaststelling van formulieren, termijnen, bedragen en kwaliteitsnormen.
Artikel 78. ( 01/01/2026 - Overgangsmaatregelen )
Aanvragen ingediend vóór de inwerkingtreding van de uitvoeringsmaatregelen worden behandeld volgens tijdelijke richtlijnen van het VSM, die niet strijdig mogen zijn met dit decreet en die gelden tot de uitvoeringsbesluiten in werking treden.
Artikel 79. ( 01/01/2026 - Opheffings- en afwijkingsclausule )
Bepalingen in Vlaamse regelgeving die onverenigbaar zijn met dit decreet worden opgeheven of buiten toepassing gelaten vanaf de inwerkingtreding van de desbetreffende bepalingen van dit decreet, zoals door de Vlaamse Regering aangewezen.
Artikel 80. ( 01/01/2026 - Inwerkingtreding )
Dit decreet treedt in werking op 1 januari 2026 voor de hoofdstukken 11 en 13 en de artikelen 77 tot en met 80, op 1 april 2026 voor de overige hoofdstukken, en op 1 oktober 2026 voor de hoofdstukken 7 en 12.