Decreet tot gedeeltelijke omzetting van richtlijn (EU) 2023/2661 en tot wijziging van het decreet van 29 maart 2013 betreffende het kader voor het invoeren van geconvergeerde voertuig- en infrastructuuridentificatiesystemen op het gebied van wegvervoer en voor interfaces met andere vervoerswijzen
- Documenttype
- Decreet
- Publicatiedatum
- 27 juli 2026
- Status
- Geldig
- Trefwoorden
- wegvervoer identificatiesystemen digitale mobiliteit interoperabiliteit Europese richtlijn multimodaliteit
INHOUDSTAFEL
Hoofdstuk 1. Wijzigingen van het decreet van 29 maart 2013 betreffende het kader voor het invoeren van geconvergeerde voertuig- en infrastructuuridentificatiesystemen op het gebied van wegvervoer en voor interfaces met andere vervoerswijzen
Hoofdstuk 2. Slotbepalingen
Hoofdstuk 1. Wijzigingen van het decreet van 29 maart 2013 betreffende het kader voor het invoeren van geconvergeerde voertuig- en infrastructuuridentificatiesystemen op het gebied van wegvervoer en voor interfaces met andere vervoerswijzen
Het Vlaams Parlement heeft het volgende decreet aangenomen en Wij, de Vlaamse Regering, bekrachtigen hetgeen volgt.
Artikel 1. (01/03/2025 - Begripsomschrijvingen en definities)
In artikel 2 van het decreet van 29 maart 2013 betreffende het kader voor het invoeren van geconvergeerde voertuig- en infrastructuuridentificatiesystemen op het gebied van wegvervoer en voor interfaces met andere vervoerswijzen, ongewijzigd sedert zijn inwerkingtreding, worden de bepalingen vervangen door wat volgt:
"Artikel 2. Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van dit decreet wordt verstaan onder:
1° uniek voertuigidentificator (UVI): een persistent, pseudoniem en interoperabel identificatiemiddel dat aan een voertuig wordt toegekend voor de identificatie binnen digitale mobiliteitsdiensten en -netwerken;
2° infrastructuurknooppunt-ID (IKI): een persistent, uniek en interoperabel identificatiemiddel dat wordt toegekend aan een fysiek of digitaal infrastructuurelement in het wegvervoersysteem, met inbegrip van signalisatie, lichten, laadinfrastructuur en telematica-eenheden;
3° vertrouwde dienstverlener: een publiek of privaat rechtspersoon die door of krachtens dit decreet gemachtigd is om UVI’s en IKI’s te genereren, te beheren en te valideren conform de door de Vlaamse Regering vastgestelde specificaties;
4° interoperabiliteitsprofiel: een door de Vlaamse Regering vastgelegd pakket van technische specificaties, protocollen en gegevensformaten voor de uitwisseling, mapping en verificatie van UVI’s en IKI’s, met inbegrip van koppelvlakken met andere vervoerswijzen;
5° open koppelvlak V2X: een openbaar gedocumenteerde applicatieprogrammatuurinterface voor communicatie tussen voertuigen en infrastructuur (vehicle-to-everything), inclusief beveiligings- en kwaliteitsparameters;
6° registerhouder: de entiteit die door de Vlaamse Regering wordt aangewezen om het Vlaams register voor UVI’s en IKI’s te beheren;
7° EER-partnerregister: een door de Europese Unie of een lidstaat beheerd referentieregister voor mobiliteitsidentiteiten dat voor grensoverschrijdende interoperabiliteit wordt gebruikt;
8° minimale gegevensset: het geheel van gegevensattributen dat noodzakelijk is voor de toekenning, validatie en verificatie van een UVI of IKI, zoals vastgesteld door de Vlaamse Regering."
Artikel 2. (01/03/2025 - Invoeging van artikel 5/1 inzake toekenning en beheer)
In hetzelfde decreet wordt in hoofdstuk 2 een artikel 5/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 5/1. Toekenning en beheer van UVI’s en IKI’s
§1. De toekenning van UVI’s en IKI’s gebeurt door vertrouwde dienstverleners die voldoen aan de door de Vlaamse Regering vastgelegde erkenningsvoorwaarden en die aangesloten zijn op het Vlaams register.
§2. Elke UVI en IKI is uniek, persistent en kan over de levensduur van het betrokken object aan opeenvolgende eigenaars of beheerders worden gekoppeld zonder verlies van integriteit van de historische gegevens.
§3. De Vlaamse Regering bepaalt de technische specificaties voor de generatie, de cryptografische beveiliging, de validatie en de periodieke hernieuwing van UVI’s en IKI’s, met inbegrip van de vereiste interoperabiliteit met EER-partnerregisters overeenkomstig richtlijn (EU) 2023/2661.
§4. De registerhouder waarborgt een hoogbeschikbaar koppelvlak voor realtime-raadpleging en -validatie, met een service level van minimaal 99,7% maandelijkse beschikbaarheid."
Artikel 3. (01/09/2025 - Aanvulling gegevensbescherming en dataminimalisatie)
In hetzelfde decreet wordt in artikel 6 een paragraaf 4 toegevoegd, die luidt als volgt:
"§4. De verwerking van de minimale gegevensset voor UVI’s en IKI’s gebeurt volgens het beginsel van dataminimalisatie en privacy by design. Pseudonimisering en, waar relevant, end-to-endversleuteling zijn verplicht. De Vlaamse Regering stelt richtsnoeren vast voor bewaartermijnen en toegangsbeheer."
Artikel 4. (01/09/2025 - Vervanging interoperabiliteitsbepaling)
In artikel 7 van hetzelfde decreet wordt paragraaf 2 vervangen door wat volgt:
"§2. De Vlaamse Regering waarborgt de interoperabiliteit tussen het Vlaams register en het Europese referentiekader door aansluiting op het EER-partnerregister ‘EU Mobility Identity Directory (EUMID)’, of een door de Europese Commissie aangewezen opvolger. De koppelvlakken ondersteunen ten minste het interoperabiliteitsprofiel VL-MID-1.2 of hoger, zoals vastgesteld bij besluit van de Vlaamse Regering."
Artikel 5.
Dit artikel is nog niet in werking. Hieronder vindt u de eerste "toekomstige versie".
( Datum afhankelijk van externe gebeurtenis - bekendmaking van uitvoeringshandeling van de Europese Commissie inzake beveiligingsnormen voor mobiliteitsidentiteiten )
In hetzelfde decreet wordt in hoofdstuk 3 een artikel 9/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 9/1. Informatiebeveiliging en certificering
§1. Vertrouwde dienstverleners en de registerhouder beschikken over een geldig certificaat ‘Vlaamse Baseline Informatiebeveiliging Mobiliteitsidentiteiten 2025’ (VBIM-2025) afgeleverd door een door de Vlaamse Regering erkende conformiteitsbeoordelingsinstantie.
§2. De technische componenten die UVI’s en IKI’s genereren, opslaan of valideren, voldoen aan minimaal beveiligingsniveau B3 en worden ten minste jaarlijks onderworpen aan een penetratietest volgens een door de Vlaamse Regering vastgesteld testprotocol.
§3. Bij vaststelling van een ernstig beveiligingsincident meldt de betrokken entiteit dit binnen vier uur na detectie aan de registerhouder en aan het agentschap dat bevoegd is voor mobiliteit en openbare werken. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels."
Artikel 6. (01/01/2026 - Interfaces met andere vervoerswijzen)
In hetzelfde decreet wordt in hoofdstuk 4 een artikel 12/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 12/1. Koppeling met andere vervoerswijzen
§1. Voor interfaces met spoor, binnenvaart en fietsnetwerken stelt de Vlaamse Regering open koppelvlakken vast waarmee UVI’s en IKI’s kunnen worden gemapt op de identificatiesystemen van de betrokken modi, zonder afbreuk te doen aan sectorspecifieke regelgeving.
§2. De open koppelvlakken ondersteunen minstens het gegevensformaat JSON-MID 2.0 en het authenticatiemechanisme OAuth 2.1 met mTLS. De Vlaamse Regering kan bijkomende formaten of protocollen opleggen."
Artikel 7. (01/03/2025 - Migratie en overgangsbepalingen binnen het basisdecreet)
In hetzelfde decreet wordt in artikel 14 na paragraaf 1 een paragraaf 1/1 ingevoegd, die luidt als volgt:
"§1/1. Bestaande identificatiecodes voor voertuigen en infrastructuurelementen worden binnen vierentwintig maanden na de inwerkingtreding van dit artikel gemapt op UVI’s en IKI’s volgens een door de registerhouder gevalideerd migratieplan. Tijdens de migratieperiode is een bidirectionele resolutie tussen oude en nieuwe identificaties verplicht."
Artikel 8. (01/09/2025 - Handhaving en administratieve sancties)
In hetzelfde decreet wordt in hoofdstuk 5 een artikel 16/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 16/1. Handhaving en administratieve geldboeten
§1. Het agentschap bevoegd voor mobiliteit en openbare werken ziet toe op de naleving van dit decreet en de uitvoeringsbesluiten ervan.
§2. Bij inbreuk op de verplichtingen inzake toekenning, beheer, beveiliging of interoperabiliteit kan een administratieve geldboete worden opgelegd van 1.000 euro tot 100.000 euro per vastgestelde inbreuk. Bij herhaaldelijke of opzettelijke inbreuken binnen een periode van twaalf maanden wordt de geldboete verhoogd met maximaal 50%.
§3. De Vlaamse Regering bepaalt de procedure voor vaststelling van inbreuken, het recht van verweer en de inning van geldboeten."
Artikel 9. (01/03/2025 - Delegatie aan de Vlaamse Regering)
In artikel 17 van hetzelfde decreet wordt paragraaf 1 vervangen door wat volgt:
"§1. De Vlaamse Regering stelt de technische specificaties vast voor UVI’s, IKI’s, interoperabiliteitsprofielen en open koppelvlakken, alsook de voorwaarden voor erkenning van vertrouwde dienstverleners en conformiteitsbeoordelingsinstanties. Zij kan hiervoor verwijzen naar normen van Europese of internationale normalisatie-instellingen."
Artikel 10. (01/01/2026 - Redactionele coördinatie en hernummering)
In hetzelfde decreet worden, na de wijzigingen ingevolge dit decreet, de interne verwijzingen, de nummering en de opschriften van hoofdstukken en artikelen door de Vlaamse Regering gecoördineerd, zonder afbreuk te doen aan de inhoudelijke rechten en plichten.
Hoofdstuk 2. Slotbepalingen
Artikel 11. (01/03/2025 - Gedeeltelijke omzetting van richtlijn (EU) 2023/2661)
Dit decreet strekt tot gedeeltelijke omzetting van richtlijn (EU) 2023/2661. De bepalingen van de artikelen 1 tot en met 4, 6 tot en met 9 en 10 dragen bij tot de omzetting van de artikelen 3, 5, 7, 8 en 12 van die richtlijn, onverminderd latere uitvoeringshandelingen van de Europese Commissie.
Artikel 12. (01/03/2025 - Inwerkingtreding)
§1. Dit decreet treedt in werking op 1 maart 2025, met uitzondering van:
1° artikel 3 en artikel 8, die in werking treden op 1 september 2025;
2° artikel 6 en artikel 10, die in werking treden op 1 januari 2026;
3° artikel 5, waarvan de datum van inwerkingtreding afhankelijk is van de bekendmaking van een uitvoeringshandeling van de Europese Commissie betreffende beveiligingsnormen voor mobiliteitsidentiteiten, en dat in werking treedt op de eerste dag van de derde maand volgend op die bekendmaking.
§2. De Vlaamse Regering kan voor specifieke categorieën van vertrouwde dienstverleners een vroegere of latere datum van toepassing vaststellen, binnen een marge van zes maanden rond de in paragraaf 1 bepaalde data, mits motivering op basis van proportionaliteit en technische haalbaarheid.