Decreet tot wijziging van artikel 113novies van het decreet van 15 juni 2007 betreffende het digitale leer- en toetsplatform, wat betreft het examengeld voor de certificeringsmodule Netwerkbeheer, Systeembeheer en Databeheer en tot wijziging van artikel 8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 7 oktober 2022 over de basis-ICT-toets in het volwassenenonderwijs, wat betreft de overgangsmaatregel voor de ontwikkeling van de geautomatiseerde beoordelingsonderdelen van de basis-ICT-toets op het validatieniveau B1

Dit decreet bepaalt examengeld voor de examens Netwerkbeheer, Systeembeheer en Databeheer en past de overgangsmaatregel aan voor de basistoets informatie- en communicatietechnologie in het volwassenenonderwijs.
Samenvatting in gewone taal
Dit decreet regelt vanaf 1 januari 2026 het examengeld voor de certificeringsmodule Netwerkbeheer, Systeembeheer en Databeheer op het digitale leer- en toetsplatform. Voor een eerste afname betaal je 75 euro per module. Voor elke herafname betaal je 45 euro. Binnen 12 opeenvolgende maanden betaal je voor dezelfde module nooit meer dan 165 euro in totaal. Het bedrag is verschuldigd zodra je je inplant voor een afname en wordt geïnd door de platformbeheerder. Er komen geen extra administratie- of transactiekosten bij. Sommige kandidaten betalen niets, op voorwaarde dat ze een bewijs voorleggen dat hoogstens 30 dagen oud is: wie recht heeft op de verhoogde tegemoetkoming in de gezondheidszorg; ingeschreven niet‑werkende werkzoekenden bij de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (VDAB) die een gevalideerd traject ICT‑basis- en -vervolgcompetenties volgen; leerlingen in een erkende duale opleiding met de module in hun individueel plan; personen met een erkende arbeidshandicap; en wie door het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn (OCMW) begeleid wordt in een traject maatschappelijke integratie met deze module als doel. De Vlaamse Regering legt nog vast hoe en wanneer je dat bewijs moet indienen. De bedragen worden elk jaar op 1 januari aangepast aan de gezondheidsindex.
Documenttype
Decreet
Publicatiedatum
3 juli 2026
Status
Geldig
Trefwoorden
examengeld certificering basis-ICT-toets volwassenenonderwijs digitaal leer- en toetsplatform geautomatiseerde beoordeling

Hoofdstuk 1. Wijziging van het decreet van 15 juni 2007 betreffende het digitale leer- en toetsplatform

Artikel 1. ( 01/01/2026 - Examengeld certificeringsmodule )

In artikel 113novies van het decreet van 15 juni 2007 betreffende het digitale leer- en toetsplatform, het laatst gewijzigd bij het decreet van 21 februari 2025, wordt paragraaf 1 vervangen door wat volgt:
"§1. Voor de certificeringsmodule 'Netwerkbeheer, Systeembeheer en Databeheer' wordt een examengeld aangerekend. Het examengeld bedraagt:
1° 75,00 euro voor de eerste afname per module;
2° 45,00 euro voor elke herafname van dezelfde module;
3° met dien verstande dat het totaal aan examengelden dat een kandidaat binnen een periode van twaalf opeenvolgende maanden voor dezelfde module verschuldigd is, niet hoger kan zijn dan 165,00 euro, waarbij de periode van twaalf opeenvolgende maanden wordt gerekend vanaf de kalenderdag van de eerste geplande afname van die module om 00.00 uur lokale tijd.
Het examengeld is verschuldigd per geplande afname en wordt geïnd door de platformbeheerder. Er worden geen bijkomende administratieve of transactiekosten aangerekend bovenop het in dit artikel bepaalde examengeld."

Artikel 2. ( 01/01/2026 - Vrijstellingen en verminderingen )

In hetzelfde artikel 113novies wordt een paragraaf 2 ingevoegd, die luidt als volgt:
"§2. De volgende categorieën kandidaten genieten een volledige vrijstelling van het examengeld na voorlegging van het daartoe vereiste bewijsstuk aan de platformbeheerder:
1° kandidaten met recht op de verhoogde tegemoetkoming in de gezondheidszorg;
2° ingeschreven niet-werkende werkzoekenden bij de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding die een door de dienst gevalideerd traject 'ICT-basis- en -vervolgcompetenties' volgen;
3° leerlingen in een erkende duale opleiding met een individueel opleidingsplan waarin de certificeringsmodule is opgenomen;
4° personen met een erkende arbeidshandicap;
5° personen die door het OCMW begeleid worden in een traject maatschappelijke integratie waarbij de certificeringsmodule als doelstelling is opgenomen.
Het bewijsstuk mag op het ogenblik van de aanmelding niet ouder zijn dan dertig kalenderdagen. Voor de beoordeling van die termijn geldt de op het bewijsstuk vermelde afgiftedatum in ISO 8601-notatie (JJJJ-MM-DD). De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels inzake de vorm, de wijze en de termijn van voorlegging van het bewijsstuk."

Artikel 3. ( 01/01/2026 - Indexering en afronding )

In hetzelfde artikel 113novies wordt paragraaf 3 vervangen door wat volgt:
"§3. De in §1 vastgestelde bedragen worden jaarlijks op 1 januari geïndexeerd overeenkomstig de evolutie van het gezondheidsindexcijfer, basis 2021=100, door vermenigvuldiging van het bedrag met de verhouding van het indexcijfer van de maand oktober van het jaar voorafgaand aan de aanpassing tot het indexcijfer van de maand oktober van het daaraan voorafgaande jaar. Voor de berekening wordt de verhouding op vijf decimalen vastgesteld voordat ze op de basisbedragen wordt toegepast. De aldus bekomen bedragen worden afgerond op het dichtstbijzijnde veelvoud van 0,50 euro. De platformbeheerder maakt de geïndexeerde bedragen uiterlijk op 1 december voorafgaand aan de aanpassing publiek bekend op het digitale leer- en toetsplatform."

Artikel 4. ( 01/01/2026 - Inning, terugbetaling en uitzonderingen )

In hetzelfde artikel 113novies wordt een paragraaf 4 ingevoegd, die luidt als volgt:
"§4. De inning, terugbetaling en uitzonderingen verlopen als volgt:
1° het examengeld wordt uitsluitend via de door de platformbeheerder aangeboden elektronische betaalmiddelen voldaan;
2° bij annulering door de platformbeheerder of bij een technische onderbreking die de afname gedurende meer dan 50% van de voorziene afnametijd verhindert, heeft de kandidaat recht op volledige terugbetaling of een gratis herafname binnen zestig kalenderdagen, naar keuze van de kandidaat, waarbij het bedoelde percentage wordt berekend op basis van het aantal verstreken minuten, afgerond naar boven;
3° bij overmacht die tijdig en gestaafd wordt gemeld aan de platformbeheerder, wordt een kredietvoucher met een geldigheidsduur van zes maanden toegekend ter waarde van het betaalde examengeld;
4° de platformbeheerder verstrekt kosteloos een betalingsbewijs dat minstens de identiteit van de kandidaat, de datum van de afname, de module en het geïnde bedrag vermeldt;
5° het examengeld wordt aangewend ter dekking van de ontwikkelings-, onderhouds- en validatiekosten van het digitale leer- en toetsplatform, met inbegrip van de uitbouw en kwaliteitsbewaking van de betrokken examensets."

Hoofdstuk 2. Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 7 oktober 2022 over de basis-ICT-toets in het volwassenenonderwijs

Artikel 5. ( 15/10/2025 - Overgangsmaatregel geautomatiseerde beoordeling B1 )

In artikel 8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 7 oktober 2022 over de basis-ICT-toets in het volwassenenonderwijs, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 24 mei 2024, wordt artikel 8 vervangen door wat volgt:
"Art. 8. Overgangsmaatregel voor de ontwikkeling van de geautomatiseerde beoordelingsonderdelen van de basis-ICT-toets op het validatieniveau B1
§1. In de periode van 1 september 2025 tot en met 31 augustus 2026 kunnen de onderdelen van de basis-ICT-toets op validatieniveau B1 die een geautomatiseerd scoringsmechanisme vereisen, gefaseerd worden ingezet. Waar de geautomatiseerde beoordeling nog niet gevalideerd is, kan een aanvullende manuele beoordeling worden toegepast.
§2. De inzet, validatie en kwaliteitsbewaking van de geautomatiseerde beoordelingsonderdelen gebeuren onder de volgende voorwaarden:
1° de beoordelingsspecificaties en itemmodellen worden vooraf inhoudelijk gevalideerd door het Steunpunt Digitale Toetsing, overeenkomstig de door het steunpunt gepubliceerde validatiestandaarden;
2° er worden kalibratieproeven uitgevoerd met representatieve steekproeven van minstens zeshonderd afnames per onderdeel;
3° de afwijking tussen geautomatiseerde en expertenbeoordeling bedraagt maximaal vier procentpunten op het niveau van slaag/niet-slaag, gemeten over de kalibratiestalen;
4° per centrum wordt per afnameperiode een datakwaliteitsrapport opgemaakt dat minstens de betrouwbaarheid, de foutanalyse en de afnamecondities beschrijft;
5° de examenomstandigheden, met inbegrip van de tijdsregistratie en de gebruikte versie van de toets, worden geregistreerd en bewaard gedurende minstens twaalf maanden;
6° de itembank wordt beheerd met versiebeheer en logging van wijzigingen, en elke wijziging wordt gedocumenteerd met datum, auteur en motivering;
7° er is een fallbackprocedure voorzien voor het geval de geautomatiseerde beoordeling tijdelijk niet beschikbaar is, waarbij een bevoegde beoordelaar binnen vijf werkdagen na de afname een manuele beoordeling uitvoert;
8° de Inspectie van Onderwijs en Vorming kan op elk moment de naleving van de voorwaarden controleren en steekproeven vorderen.
§3. Geautomatiseerde beoordeling heeft voorrang. Indien de geautomatiseerde uitkomst significant afwijkt van vooraf ingestelde consistentiecontroles, wordt de poging automatisch ter manuele herbeoordeling voorgelegd. De cursist wordt vooraf geïnformeerd over de toepasselijkheid van deze overgangsmaatregel."

Hoofdstuk 3. Slotbepalingen

Artikel 6. ( 15/10/2025 - Inwerkingtreding )

Dit decreet treedt in werking als volgt:
1° de artikelen 1 tot en met 4 treden in werking op 1 januari 2026;
2° artikel 5 treedt in werking op 15 oktober 2025 en is van toepassing op afnames vanaf 1 september 2025;
3° dit decreet doet geen afbreuk aan verworven rechten voor afnames die vóór de datum vermeld in punt 2 plaatsvonden.