Decreet tot wijziging van het decreet van 21 juni 2013 betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van de sectorale fondsen voor bestaanszekerheid, wat betreft de omzetting van richtlijn (EU) 2023/2226 van de Raad van 17 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn 2011/16/EU betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van de sectorale fondsen voor bestaanszekerheid
- Documenttype
- Decreet
- Publicatiedatum
- 23 juni 2026
- Status
- Geldig
- Trefwoorden
- administratieve samenwerking sectorfondsen sociale zekerheid arbeidsrecht gegevensuitwisseling Europese richtlijnen
Het Vlaams Parlement heeft decreet aangenomen en Wij, de Vlaamse Regering, bekrachtigen hetgeen volgt.
Hoofdstuk 1. Wijzigingen van het decreet van 21 juni 2013 betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van de sectorale fondsen voor bestaanszekerheid
Artikel 1. ( 01/01/2026 - Begripsbepalingen )
In artikel 2 van het decreet van 21 juni 2013 betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van de sectorale fondsen voor bestaanszekerheid, het laatst gewijzigd bij het decreet van 23 mei 2024, wordt paragraaf 1 vervangen door wat volgt:
"§1. Voor de toepassing van dit decreet wordt verstaan onder:
- sectorfonds: het fonds voor bestaanszekerheid dat is opgericht in uitvoering van een collectieve arbeidsovereenkomst en dat binnen het Vlaamse Gewest taken van aanvullende sociale bescherming uitoefent;
- beheersinstantie: de rechtspersoon die krachtens statuten of overeenkomst belast is met het financieel en administratief beheer van een sectorfonds, met inbegrip van uitbetalingen en inning van bijdragen;
- verslagplichtige tussenpersoon: iedere natuurlijke persoon of rechtspersoon, met inbegrip van sociaal secretariaten, dienstverleners voor bijdrageninning en digitale dienstverleningsplatformen, die voor rekening van een beheersinstantie of werkgever gegevens verwerkt die relevant zijn voor de administratieve samenwerking overeenkomstig dit decreet;
- bevoegde autoriteit: de door de Vlaamse Regering aangewezen administratie die belast is met de uitvoering van dit decreet en met de samenwerking met de bevoegde autoriteiten van andere lidstaten van de Europese Unie;
- grensoverschrijdende situatie: elke situatie waarin minstens één van de betrokken partijen, gegevensitems of uitkeringen verband houdt met een andere lidstaat, met inbegrip van werkgevers met vestigingen in meer dan één lidstaat, werknemers of gewezen werknemers die in een andere lidstaat woonachtig zijn, of verrichtingen die via een betaalrekening in een andere lidstaat verlopen;
- automatische uitwisseling van inlichtingen: de systematische, periodieke communicatie door de bevoegde autoriteit aan de bevoegde autoriteiten van andere lidstaten van vooraf bepaalde categorieën van inlichtingen, met gebruik van een door de Europese Unie vastgesteld communicatiestelsel;
- standaardgegevensrecord: het door de Vlaamse Regering vastgestelde gegevensformaat (SFBZ-XML 2.0) en validatieregels voor de elektronische aanlevering, uitwisseling en ontvangstbevestiging van inlichtingen in het kader van dit decreet;
- rapportageperiode: het kalenderjaar waarop de te rapporteren gegevens betrekking hebben;
- uniek identificatienummer: het ondernemingsnummer in de Kruispuntbank van Ondernemingen of, voor buitenlandse entiteiten, een door de lidstaat van vestiging toegekend fiscaal identificatienummer of een Legal Entity Identifier (LEI).
Artikel 2. ( 01/01/2026 - Uitbreiding automatische uitwisseling )
In artikel 4 van hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 23 mei 2024, wordt paragraaf 2 vervangen door wat volgt:
"§2. De bevoegde autoriteit wisselt automatisch, jaarlijks en uiterlijk op 30 juni van het jaar volgend op de rapportageperiode, met de bevoegde autoriteiten van de andere lidstaten de volgende categorieën van inlichtingen uit voor zover zij betrekking hebben op grensoverschrijdende situaties:
- werkgeversbijdragen aan sectorfondsen per sector en per lidstaat van tewerkstelling of vestiging;
- inhoudingen op lonen of vergoedingen die voor rekening van sectorfondsen gebeuren, met aanduiding of het gaat om verplichte of aanvullende bijdragen;
- uitkeringen, tegemoetkomingen of terugbetalingen die door sectorfondsen aan rechthebbenden worden betaald, met vermelding van de lidstaat van woonplaats van de rechthebbende;
- interfondsoverdrachten en overdrachten tussen sectorfondsen en pensioeninstellingen indien deze verband houden met prestaties die door sectorfondsen worden toegekend;
- beheer- en verwerkingsvergoedingen aangerekend door beheersinstanties of verslagplichtige tussenpersonen die een impact hebben op de nettobedragen van uitkeringen of bijdragen.
Artikel 3. ( 01/01/2026 - Registratie- en rapportageverplichtingen )
In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 23 mei 2024, wordt in hoofdstuk 2 een artikel 4/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 4/1. §1. Beheersinstanties en verslagplichtige tussenpersonen registreren zich bij de bevoegde autoriteit vóór de aanvang van hun activiteiten die vallen onder dit decreet. De registratie omvat minstens:
- de statutaire benaming, maatschappelijke zetel en contactgegevens;
- het uniek identificatienummer en, in voorkomend geval, de LEI;
- de hoedanigheid (beheersinstantie of verslagplichtige tussenpersoon) en de sectorfondsen waarvoor men handelt;
- de beoogde gegevensstromen in het kader van de administratieve samenwerking.
- voor werkgevers: de benaming, het uniek identificatienummer, de lidstaat van vestiging, en de totale werkgeversbijdragen per sectorfonds;
- voor rechthebbenden: de naam, geboortedatum, woonstaat, en het bedrag van de uitkeringen uitgesplitst per prestatiecategorie;
- voor financiële verrichtingen: de datum, het brutobedrag, de eventuele inhoudingen en kosten, en de gebruikte betaalrekening of betaalinstelling, met aanduiding van de lidstaat;
- de identificatie van de betrokken beheersinstantie of verslagplichtige tussenpersoon en de toegepaste tarificatie of verrekeningssleutel.
Artikel 4. ( 01/01/2026 - Technische uitwisseling en beveiliging )
In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 23 mei 2024, wordt in hoofdstuk 3 een artikel 5/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 5/1. §1. De uitwisseling van inlichtingen met de andere lidstaten gebeurt via het gemeenschappelijk communicatienetwerk en de bijbehorende interface die door de Europese Commissie worden beheerd in toepassing van Richtlijn 2011/16/EU. §2. De elektronische verzending en ontvangst van inlichtingen gebeurt in het standaardgegevensrecord. De gegevens worden end-to-end versleuteld en digitaal ondertekend met een door de bevoegde autoriteit aanvaarde kwalificatie. §3. Wanneer het gemeenschappelijk communicatienetwerk tijdelijk onbeschikbaar is, wordt een noodprocedure toegepast die de onverwijlde en veilige uitwisseling waarborgt. De Vlaamse Regering stelt de modaliteiten voor de noodprocedure vast. §4. De bevoegde autoriteit houdt technische en functionele auditlogs bij van elke verzending, ontvangst, validatie en raadpleging gedurende de termijn bedoeld in artikel 8, §4."
Artikel 5. ( 01/01/2026 - Vertrouwelijkheid en gegevensbescherming )
Artikel 8 van hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 23 mei 2024, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 8. §1. De verwerking van persoonsgegevens in het kader van dit decreet geschiedt overeenkomstig Verordening (EU) 2016/679 en de toepasselijke federale en Vlaamse uitvoeringsbepalingen. §2. De uitgewisselde inlichtingen mogen uitsluitend worden gebruikt voor doeleinden die rechtstreeks verband houden met de uitvoering, de controle en het toezicht op de sectorale fondsen voor bestaanszekerheid en met de administratieve samenwerking als bedoeld in dit decreet. §3. De toegang tot de uitgewisselde inlichtingen wordt beperkt tot personeelsleden die deze toegang nodig hebben voor de in §2 bedoelde doeleinden en die onderworpen zijn aan een wettelijke of statutaire geheimhoudingsplicht. §4. Beheersinstanties, verslagplichtige tussenpersonen en de bevoegde autoriteit bewaren de in het kader van dit decreet verwerkte persoonsgegevens niet langer dan tien jaar na het einde van de betrokken rapportageperiode, tenzij een langere bewaartermijn noodzakelijk is voor lopende administratieve of gerechtelijke procedures. §5. De betrokkenen worden op transparante wijze geïnformeerd over de verwerking overeenkomstig de artikelen 13 en 14 van Verordening (EU) 2016/679. De uitoefening van de rechten van betrokkenen kan worden beperkt voor zover dit strikt noodzakelijk is ter waarborging van de doeltreffendheid van de administratieve samenwerking, overeenkomstig artikel 23 van Verordening (EU) 2016/679."
Artikel 6. ( 01/01/2026 - Sancties )
In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 23 mei 2024, wordt in hoofdstuk 6 een afdeling 3 ingevoegd, met de artikelen 18/1 tot en met 18/3, die luiden als volgt:
"Afdeling 3. Handhaving en sancties Art. 18/1. §1. Onverminderd strafrechtelijke sancties, kan de bevoegde autoriteit een administratieve geldboete opleggen aan een beheersinstantie of verslagplichtige tussenpersoon die:
- zich niet registreert overeenkomstig artikel 4/1, §1;
- de gegevens niet, onvolledig of onjuist aanlevert overeenkomstig artikel 4/1, §3;
- de technische voorschriften van artikel 5/1 niet naleeft;
- de verplichtingen inzake gegevensbescherming overeenkomstig artikel 8 schendt.
- bij inbreuk op §1, 1°: van 1.000 euro tot 10.000 euro;
- bij inbreuk op §1, 2° of 3°: van 2.500 euro tot 50.000 euro; bij herhaling binnen drie jaar wordt de geldboete verdubbeld;
- bij inbreuk op §1, 4°: van 1.000 euro tot 25.000 euro.
Artikel 7. ( 01/01/2026 - Uitvoeringsbevoegdheid en coördinatie )
In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 23 mei 2024, wordt in hoofdstuk 7 een artikel 20/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 20/1. §1. De Vlaamse Regering:
- wijst de bevoegde autoriteit en het centraal verbindingsbureau aan voor de administratieve samenwerking met andere lidstaten;
- stelt het standaardgegevensrecord, de technische validatieregels en de beveiligingsnormen vast;
- bepaalt de modellen van registratie en rapportage, en de elektronische indieningskanalen;
- stelt nadere regels vast inzake de erkenning, de audit en de toezichtmodaliteiten voor beheersinstanties en verslagplichtige tussenpersonen met het oog op de kwaliteit van de aangeleverde gegevens;
- zorgt voor de afstemming met federale en internationale verplichtingen, met inbegrip van de normen die voortvloeien uit Richtlijn 2011/16/EU, zoals gewijzigd bij Richtlijn (EU) 2023/2226.
Hoofdstuk 2. Slotbepalingen
Artikel 8. ( 01/01/2026 - Inwerkingtreding )
Dit decreet treedt in werking op 1 januari 2026.