Decreet tot wijziging van het Ondernemingsloketdecreet van 27 oktober 2006, wat betreft de vaststelling van richtwaarden voor registerkwaliteit en waarden voor het gebruik van identificatiecodes van vestigingseenheden
- Documenttype
- Decreet
- Publicatiedatum
- 25 mei 2026
- Status
- Geldig
- Trefwoorden
- Ondernemingsloketdecreet Kruispuntbank van Ondernemingen registerkwaliteit richtwaarden identificatiecodes vestigingseenheden
Hoofdstuk 1. Wijzigingen van het Ondernemingsloketdecreet van 27 oktober 2006
Artikel 1. ( 01/01/2026 - Begripsbepalingen inzake registerkwaliteit en identificatiecodes )
In artikel 3 van het Ondernemingsloketdecreet van 27 oktober 2006, het laatst gewijzigd bij het decreet van 12 juli 2024 houdende diverse bepalingen inzake ondernemingsdienstverlening, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 wordt een punt 22° ingevoegd, dat luidt als volgt: "22° registerkwaliteit: de mate waarin de in het ondernemersregister opgenomen gegevens juist, volledig, actueel, consistent, uniek en herleidbaar zijn tot hun bron, gemeten volgens de in dit decreet vastgelegde methodiek"; 2° in paragraaf 1 wordt een punt 23° ingevoegd, dat luidt als volgt: "23° richtwaarde: de als streef- en normeringswaarde vastgelegde drempel voor een indicator van registerkwaliteit, uitgedrukt als percentage, tijdsgrens of aantal per referentieperiode"; 3° in paragraaf 1 wordt een punt 24° ingevoegd, dat luidt als volgt: "24° identificatiecode van een vestigingseenheid: de door of namens de Kruispuntbank van Ondernemingen toegekende numerieke code van tien cijfers die een vestigingseenheid van een onderneming eenduidig identificeert in alle uitwisselingen, registraties en attesten waarin vestigingseenheden worden vermeld".
Artikel 2. ( 01/01/2026 - Invoeging van een hoofdstuk 4/1 over registerkwaliteit en richtwaarden )
In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 12 juli 2024 houdende diverse bepalingen inzake ondernemingsdienstverlening, wordt na hoofdstuk 4 een hoofdstuk 4/1 ingevoegd, dat luidt als volgt: "Hoofdstuk 4/1. Registerkwaliteit en richtwaarden. Art. 25/1. Doel en toepassingsgebied. §1. Dit hoofdstuk bepaalt de indicatoren, richtwaarden en meetregels voor de registerkwaliteit van de gegevens die door ondernemingsloketten worden ingezameld, gevalideerd, beheerd of doorgegeven aan het ondernemersregister. §2. Het is van toepassing op alle processen van initiële inschrijving, wijziging en doorhaling, alsook op de overdracht van gegevens aan federale of Vlaamse registers waarvoor het ondernemingsloket als bron optreedt. Art. 25/2. Indicatoren. §1. De volgende indicatoren worden vastgesteld: 1° juistheid: het aandeel records zonder inhoudelijke fout in kernattributen; 2° volledigheid: het aandeel records met alle verplichte velden ingevuld; 3° actualiteit: het aandeel transacties verwerkt binnen de vastgestelde tijdsgrenzen; 4° consistentie: het aandeel records zonder onderlinge tegenstrijdigheden binnen het register en met referentietabellen; 5° uniciteit: het aandeel records zonder dubbeltellingen; 6° herleidbaarheid: het aandeel records met een volledige en verifieerbare mutatiegeschiedenis. §2. De Vlaamse Regering bepaalt de exacte lijst van kernattributen en referentietabellen per proces. Art. 25/3. Richtwaarden. §1. Voor de indicator bedoeld in §1, 1°, geldt per semester een richtwaarde van minimaal 98,5%. §2. Voor de indicator bedoeld in §1, 2°, geldt per semester een richtwaarde van minimaal 99,0%. §3. Voor de indicator bedoeld in §1, 3°, geldt dat minstens 97,0% van de transacties binnen drie werkdagencycli na ontvangst wordt verwerkt en 99,5% binnen vijf werkdagencycli. §4. Voor de indicator bedoeld in §1, 4°, geldt per semester een richtwaarde van minimaal 99,2%. §5. Voor de indicator bedoeld in §1, 5°, geldt per semester een richtwaarde van minimaal 99,8%. §6. Voor de indicator bedoeld in §1, 6°, geldt per semester een richtwaarde van minimaal 99,0%. §7. Voor loketten met minder dan 400 transacties per semester worden dezelfde richtwaarden toegepast op jaarbasis. Art. 25/4. Meting en verificatie. §1. De indicatoren worden per semester berekend op basis van een door de Vlaamse Regering goedgekeurd meetplan dat minstens de steekproefkaders, de dataverzamelingsmomenten, de berekeningsformules en de kwaliteitscontroles omvat. §2. Voor juistheid en volledigheid wordt gewerkt met een gestratificeerde steekproef die de variatie in processen en ondernemingscategorieën weerspiegelt; de foutenmarge mag niet groter zijn dan 1,5% bij een betrouwbaarheidsniveau van 95%. §3. Voor actualiteit wordt gebruikgemaakt van systeemtijdstempels die onweerlegbaar zijn en die worden bewaard gedurende minstens vijf jaar. §4. De meetresultaten worden onderworpen aan een onafhankelijke verificatie door een door de Vlaamse Regering erkende auditor. De auditor rapporteert rechtstreeks aan het agentschap bevoegd voor ondernemersbeleid. Art. 25/5. Rapportering en opvolging. §1. De ondernemingsloketten rapporteren de geaggregeerde en geverifieerde indicatorwaarden per semester uiterlijk op de twintigste dag van de tweede maand volgend op het semester. §2. Indien een richtwaarde niet wordt gehaald, legt het ondernemingsloket binnen dertig kalenderdagen een herstelplan voor met concrete maatregelen, termijnen en verantwoordelijken. §3. Het agentschap bevoegd voor ondernemersbeleid publiceert jaarlijks een overzicht van de gerealiseerde indicatorwaarden per ondernemingsloket. §4. De Vlaamse Regering kan nadere regels vaststellen over de inhoud, vorm en elektronische verzending van de verslaggeving.".
Artikel 3. ( 01/07/2026 - Invoeging van bepalingen over het gebruik van identificatiecodes van vestigingseenheden )
In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 12 juli 2024 houdende diverse bepalingen inzake ondernemingsdienstverlening, wordt in hoofdstuk 4/1 na artikel 25/5 een artikel 25/6 ingevoegd, dat luidt als volgt: "Art. 25/6. Waarden voor het gebruik van identificatiecodes van vestigingseenheden. §1. Het ondernemingsloket registreert, gebruikt en vermeldt in alle relevante gegevensuitwisselingen, kennisgevingen, attesten en bewijsstukken de identificatiecode van de betrokken vestigingseenheid in het veld dat door de Vlaamse Regering is aangewezen. De code wordt opgenomen als een numerieke code van tien cijfers, zonder scheidingstekens. §2. De dekkingsgraad van de identificatiecode in uitgaande elektronische berichten richting overheidsinstanties en erkende intermediairen bedraagt per semester minimaal 96,0% van de records waarin een vestigingseenheid wordt vermeld; het foutpercentage op de geldigheid van de opgenomen codes bedraagt per semester maximaal 1,0%. §3. Op attesten en bewijsstukken bestemd voor ondernemingen of derden wordt de identificatiecode leesbaar en zonder afkortingen afgedrukt naast de benaming en het adres van de vestigingseenheid. §4. Waar een vestigingseenheid nieuw wordt aangemaakt en nog geen identificatiecode beschikbaar is, wordt in het transactiebericht een tijdelijke markering opgenomen overeenkomstig de door de Vlaamse Regering vastgelegde technische regels; de identificatiecode wordt uiterlijk binnen twee werkdagencycli na toekenning alsnog verrijkt. §5. Afwijkingen op §2 kunnen uitsluitend worden toegestaan indien de opname van de identificatiecode technisch onmogelijk is door externe oorzaken die buiten de macht van het ondernemingsloket liggen. In dat geval motiveert het ondernemingsloket de afwijking per dossier en bewaart het de bewijsstukken gedurende drie jaar. §6. De Vlaamse Regering kan nadere regels vastleggen over validatieregels, uitwisselingsformaten en de wijze waarop de dekkingsgraad en het foutpercentage worden vastgesteld.".
Artikel 4.
Dit artikel is nog niet in werking. Hieronder vindt u de eerste "toekomstige versie".
( Datum afhankelijk van externe gebeurtenis - inwerkingtreding van het besluit van de Vlaamse Regering van 9 september 2025 betreffende de uniforme gegevensrapportering door ondernemingsloketten )
In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 12 juli 2024 houdende diverse bepalingen inzake ondernemingsdienstverlening, wordt in hoofdstuk 7, artikel 41, §2, een punt 6° ingevoegd, dat luidt als volgt: "6° het herhaaldelijk niet behalen, gedurende twee opeenvolgende semesters, van één of meer richtwaarden vastgesteld in hoofdstuk 4/1, na het verstrijken van de in het herstelplan opgenomen termijnen. In dat geval kan de Vlaamse Regering, na advies van het agentschap bevoegd voor ondernemersbeleid, een voorwaardelijke schorsing van de erkenning opleggen met verplichte externe audit en verhoogde rapporteringsfrequentie, of, in geval van aanhoudende niet-naleving, de erkenning intrekken.".
Hoofdstuk 2. Overgangs- en slotbepalingen
Artikel 5. ( 15/12/2025 - Overgangsbepalingen )
§1. Voor de eerste referentieperiode die aanvangt op 1 januari 2026 geldt dat de ondernemingsloketten uiterlijk op 15 december 2025 een meetplan indienen ter voorlopige goedkeuring door het agentschap bevoegd voor ondernemersbeleid. §2. Voor het eerste semester van 2026 mogen de richtwaarden bedoeld in artikel 25/3 en de waarden bedoeld in artikel 25/6 met maximaal 1,0 procentpunt worden onderschreden zonder toepassing van de herstelverplichting, op voorwaarde dat het ondernemingsloket aantoont dat de onderschrijding uitsluitend te wijten is aan de initiële implementatie van de meet- en rapporteringsprocessen. §3. De Vlaamse Regering kan voor de periode tot en met 31 december 2026 proefomgevingen en gefaseerde uitrol toestaan voor de elektronische uitwisselingen waarin de identificatiecode van de vestigingseenheid wordt opgenomen, zonder afbreuk te doen aan de verplichtingen inzake gegevensbescherming en informatiebeveiliging.
Artikel 6. ( 15/12/2025 - Inwerkingtreding )
Dit decreet treedt in werking als volgt: 1° artikel 5 en dit artikel treden in werking op 15 december 2025; 2° de artikelen 1 en 2 treden in werking op 1 januari 2026; 3° artikel 3 treedt in werking op 1 juli 2026; 4° artikel 4 treedt in werking op de datum van inwerkingtreding van het besluit van de Vlaamse Regering van 9 september 2025 betreffende de uniforme gegevensrapportering door ondernemingsloketten. De Vlaamse Regering maakt de datum van inwerkingtreding van artikel 4 bekend in het Belgisch Staatsblad.