Omzendbrief LV 2026-1 - VMBI-steun voor investeringen in de omkaderingssector van baksteen- en tegelindustrie: oproep 2026

Dit document legt uit hoe bedrijven die de baksteen- en tegelindustrie ondersteunen in 2026 Vlaamse investeringssteun kunnen aanvragen en hoe de selectie gebeurt.
Samenvatting in gewone taal
Deze omzendbrief legt uit hoe de oproep 2026 voor steun via het Vlaams Mechanisme Bouw- en Materialeninnovatie (VMBI) werkt. De steun is bedoeld voor bedrijven met een vestiging in Vlaanderen die de baksteen- en tegelproducenten ondersteunen, zoals leveranciers en installateurs van ovens en droogtechniek, aanbieders van meet- en regeltechniek, digitalisering en procescontrole, logistieke en verpakkingsoplossingen, en bedrijven actief in recyclage van keramische resten. Zowel kleine en middelgrote ondernemingen als grote bedrijven kunnen meedoen. Gesteund worden projecten met investeringen en activiteiten die nieuwe of opgeschaalde technologie, infrastructuur of processen invoeren, met directe meerwaarde voor de productie van bakstenen en keramische tegels. De focus ligt op duurzamer, efficiënter en kwaliteitsvoller produceren. In aanmerking komende kosten zijn noodzakelijk, horen rechtstreeks bij het project, zijn effectief betaald en controleerbaar. De omzendbrief bepaalt de inhoudelijke prioriteiten, hoe aanvragen beoordeeld worden en welke stappen u administratief volgt. Er geldt een maximaal steunbedrag per project en per aanvrager. Combineren met andere publieke steun kan, zolang de totale steun binnen de toepasselijke regels blijft. De regels gelden vanaf 2 januari 2026.
Documenttype
Omzendbrief
Publicatiedatum
28 april 2026
Status
Geldig
Trefwoorden
Subsidies Investeringen Innovatie Bouwmaterialen Keramische industrie Omkaderingssector

Artikel 1. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

Deze omzendbrief verduidelijkt de uitvoering van de oproep 2026 voor VMBI-steun ten behoeve van investeringen in de omkaderingssector van de baksteen- en tegelindustrie. De bepalingen in deze omzendbrief richten het verloop van de oproep, de inhoudelijke prioriteiten, de beoordelingswijze en de administratieve processen. Zij binden de diensten van de Vlaamse overheid bij de behandeling van aanvragen in het kader van de oproep 2026.

Artikel 2. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

Voor de toepassing van deze omzendbrief wordt verstaan onder:

  1. VMBI: het Vlaams Mechanisme Bouw- en Materialeninnovatie, als geregeld bij het decreet van 12 juli 2024 houdende het Vlaams Mechanisme Bouw- en Materialeninnovatie en het besluit van de Vlaamse Regering van 14 november 2025 ter uitvoering daarvan.
  2. Omkaderingssector: de toeleveranciers, installateurs, ingenieursbureaus, technologieaanbieders, dienstverleners en verwerkingsbedrijven die rechtstreeks ondersteunende producten, installaties of diensten leveren aan producenten van bakstenen en keramische tegels, met inbegrip van ovenbouw, droogtechniek, meet- en regeltechniek, recyclage van keramische fracties, logistieke en verpakkingsoplossingen, digitalisering en procescontrole.
  3. Onderneming: elke natuurlijke of rechtspersoon die een economische activiteit uitoefent, met inbegrip van KMO’s en grote ondernemingen, met een exploitatiezetel in het Vlaamse Gewest.
  4. KMO en grote onderneming: ondernemingscategorieën zoals gedefinieerd in het besluit van de Vlaamse Regering van 14 november 2025, rekening houdend met personeelsbestand en financiële drempels.
  5. Project: een samenhangend geheel van investeringen en activiteiten met als doel de invoering of opschaling van technologie, infrastructuur of processen in de omkaderingssector, met rechtstreekse meerwaarde voor de baksteen- of tegelindustrie in Vlaanderen.
  6. Subsidiabele kosten: de in artikel 5 opgesomde uitgaven die noodzakelijk en rechtstreeks aan het project zijn toe te schrijven, effectief betaald en controleerbaar zijn.
  7. Steunplafond: het maximaal toelaatbare steunbedrag per project en per aanvrager binnen deze oproep.

Artikel 3. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

De VMBI-steun in de oproep 2026 wordt verleend binnen de grenzen van het toepasselijke Vlaamse rechtskader, onverminderd de toepasselijkheid van de Europese regels inzake staatssteun. De cumulatie van steun met andere publieke middelen is toegestaan voor zover zij verenigbaar is met de van toepassing zijnde steunregels en de hoogste toepasselijke steunintensiteit niet overschrijdt. In geval van tegenstrijdigheid tussen deze omzendbrief en hogere regelgeving, primeert de hogere regelgeving.

Artikel 4. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

De oproep 2026 heeft als thematische focus investeringen in de omkaderingssector die de duurzame, efficiënte en kwaliteitsvolle productie van bakstenen en keramische tegels in Vlaanderen ondersteunen. De doelgroep omvat ondernemingen met activiteiten in de omkaderingssector, waaronder:

  1. leveranciers en installateurs van ovens, drogers, warmte- en energierecuperatiesystemen;
  2. aanbieders van meet-, sensoren- en procesregeltechnologie, inclusief software voor procesoptimalisatie en digitale tweelingen;
  3. recyclage- en verwerkingsbedrijven voor keramische reststromen, inclusief sorteer- en maaltechnologie;
  4. ontwikkelaars van duurzame verpakkings- en palletiseringsoplossingen en magazijntechnologie;
  5. logistieke dienstverleners met specifieke oplossingen voor keramische producten;
  6. ingenieurs- en testbureaus met infrastructuur voor validatie, beproeving en kwaliteitscontrole van keramische processen en producten.
Producenten van bakstenen en keramische tegels kunnen deelnemen als mede-indiener in een consortium, mits de investering primair gerealiseerd wordt bij de onderneming in de omkaderingssector en de aanvrager aan de overige voorwaarden voldoet.

Artikel 5. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

Subsidiabel zijn de volgende investeringsgerelateerde kosten, voor zover zij nieuw zijn, betrekking hebben op infrastructuur of technologie die in Vlaanderen wordt ingezet en een rechtstreeks nut hebben voor de omkaderingssector:

  1. aankoop en installatie van machines, technische installaties en testopstellingen, inclusief noodzakelijke engineering en inbedrijfstelling;
  2. aankoop van meet- en dataverzamelingsapparatuur, industriële softwarelicenties en beveiligde dataopslag gekoppeld aan processturing;
  3. aanpassingen aan technische ruimtes en nutsvoorzieningen die onlosmakelijk verbonden zijn met de nieuwe installaties;
  4. externe expertise voor ontwerp, validatie, certificatie en veiligheidsstudies, voor maximaal 15% van de totale subsidiabele kosten;
  5. onafhankelijke audit- en verificatiekosten die rechtstreeks verband houden met de projectrealisatie;
  6. communicatie- en disseminatieacties gericht op sectorbrede toepassing, voor maximaal 3% van de totale subsidiabele kosten.
Uitgaven komen slechts in aanmerking indien zij zijn aangegaan na de datum van ontvankelijk ingediende aanvraag en binnen de in artikel 8 vermelde projectduur vallen.

Artikel 6. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

Niet-subsidiabel zijn:

  1. loutere vervangingsinvesteringen zonder aantoonbare prestatieverbetering of zonder sectorbrede meerwaarde;
  2. aankoop van onroerend goed, met uitzondering van strikt noodzakelijke technische aanpassingen als vermeld in artikel 5;
  3. aankoop van voertuigen voor wegvervoer en bijhorende registratie- en verzekeringskosten;
  4. exploitatie- en personeelskosten, onderhoudscontracten, lease- of huurkosten, verbruiksgoederen en energiekosten;
  5. recupereerbare btw en boetes, intresten of wisselkoersverliezen;
  6. kosten die gefinancierd worden met andere publieke middelen waardoor de maximale steunintensiteit als bedoeld in artikel 7 wordt overschreden.
Cumulatie met andere steun is toegestaan voor zover het totaal aan publieke steun onder de hoogste toepasselijke steunintensiteit blijft en de steunmaatregelen elkaar niet voor dezelfde uitgavenstaten dekken in strijd met toepasselijke regelgeving.

Artikel 7. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

De steun wordt toegekend in de vorm van een investeringssubsidie met volgende parameters:

  1. steunintensiteit: maximaal 30% voor KMO’s en maximaal 20% voor grote ondernemingen, toegepast op de aanvaarde subsidiabele kosten;
  2. minimale projectomvang: 250.000 EUR aan subsidiabele kosten;
  3. maximale steun per project: 1.000.000 EUR;
  4. maximaal aantal toe te kennen projecten per aanvrager in de oproep 2026: twee.
Het totale budget van de oproep 2026 bedraagt 25.000.000 EUR, onder voorbehoud van de definitieve begrotingskredieten. De Vlaamse overheid kan, bij overtekening, een prorata-vermindering of rangschikking toepassen conform artikel 12.

Artikel 8. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

Projecten hebben een maximale uitvoeringsduur van 24 maanden. De uitvoeringsperiode vangt aan op de eerste dag van de maand volgend op de datum van de kennisgeving van ontvankelijkheid aan de aanvrager. Afwijkingen op de looptijd kunnen enkel mits voorafgaande en gemotiveerde toestemming van de Vlaamse overheid. Wijzigingen aan scope, begroting of timing die de doelstellingen, subsidiabele kosten of resultaatindicatoren materieel beïnvloeden, vergen voorafgaande schriftelijke goedkeuring.

Artikel 9. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

Aanvragen worden ingediend via het VMBI-eLoket op www.vlaanderen.be/vmbi tussen 15 januari 2026 (09.00 uur) en 31 maart 2026 (12.00 uur). Aanvragen die na het sluitingsuur zijn ontvangen, worden onontvankelijk verklaard. Elke aanvrager kan maximaal twee aanvragen indienen. De aanvraag wordt opgesteld in het Nederlands met gebruik van de ter beschikking gestelde sjablonen. Vragen worden gericht aan vmbi@vlaanderen.be; technische ondersteuning is beschikbaar tot twee werkdagen voor de indiendatum.

Artikel 10. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

Een volledig aanvraagdossier bevat:

  1. het ondertekend aanvraagformulier met beschrijving van doelstellingen, activiteiten, mijlpalen en planning;
  2. een gedetailleerde begroting met offertes of ramingsoverzichten per kostencategorie en leverancier;
  3. een toelichting bij de bijdrage aan de omkaderingssector en de verwachte impact op de baksteen- en tegelindustrie in Vlaanderen;
  4. een risicobeheersplan met aandacht voor technische, organisatorische en regelgevende risico’s;
  5. een financieringsplan met bewijs van eigen inbreng en eventuele cofinanciering;
  6. voor consortia: een samenwerkingsovereenkomst met rolverdeling en IP-afspraken;
  7. de meest recente jaarrekening(en) of een gelijkwaardig financieel overzicht voor de betrokken entiteiten;
  8. een verklaring op eer inzake cumulatie van steun en naleving van toepasselijke regelgeving.
De Vlaamse overheid kan bijkomende documentatie opvragen indien dit noodzakelijk is voor de beoordeling.

Artikel 11. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

Na indiening wordt een ontvankelijkheidscontrole uitgevoerd op vormvereisten, volledigheid, tijdigheid, doelgroep en congruentie met het thema van de oproep. Onvolledige dossiers kunnen eenmaal worden aangevuld binnen een door de Vlaamse overheid gestelde termijn, die niet korter is dan vijf werkdagen. Bij uitblijven van tijdige aanvulling wordt de aanvraag onontvankelijk verklaard.

Artikel 12. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

Ontvankelijke aanvragen worden beoordeeld op basis van onderstaande criteria en weging:

  1. Beleidsrelevantie en bijdrage aan de omkaderingssector: 20%;
  2. Economische en sectorale impact in Vlaanderen, inclusief schaalbaarheid: 25%;
  3. Innovatie- en vernieuwingsgehalte, inclusief technologische maturiteit passend bij implementatie: 20%;
  4. Uitvoerbaarheid en projectkwaliteit (planning, risico’s, team, partners): 15%;
  5. Samenwerking en kennisverspreiding, inclusief toegankelijkheid voor meerdere producenten: 10%;
  6. Kosteneffectiviteit en proportionaliteit van de begroting: 10%.
De beoordeling gebeurt door externe deskundigen en/of een interne beoordelingscommissie. De Vlaamse overheid stelt een gemotiveerde rangschikking op. Bij gelijkstelde projecten kan spreiding over subsectoren of geografische gebieden in Vlaanderen in aanmerking worden genomen. Bij budgettekort kan een reservelijst worden aangelegd.

Artikel 13. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

De Vlaamse overheid beslist uiterlijk binnen negentig kalenderdagen na sluiting van de oproep over de toekenning van de steun. De beslissing vermeldt het steunbedrag, de aanvaarde kosten, de looptijd, de betalingsmodaliteiten, de prestatie-indicatoren en eventuele bijzondere voorwaarden. De aanvrager ontvangt de beslissing via het VMBI-eLoket. Tegen een negatieve beslissing staat administratief beroep open overeenkomstig de in de beslissing opgenomen modaliteiten.

Artikel 14. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

De uitbetaling verloopt als volgt:

  1. voorschot van maximaal 30% na kennisgeving van de toekenningsbeslissing en, indien gevraagd, na voorlegging van een bankwaarborg;
  2. tussenschijf van maximaal 40% na goedkeuring van een voortgangsrapport en bewijsstukken van gerealiseerde kosten conform de toegekende begroting;
  3. eindsaldo van minimaal 30% na goedkeuring van het eindrapport, de eindafrekening en de verificatie van het behalen van de overeengekomen indicatoren.
De begunstigde houdt een afzonderlijke projectadministratie bij, met traceerbare bewijsstukken en betaalbewijzen. De Vlaamse overheid en door haar gemachtigde controle-instanties hebben inzage- en controlebevoegdheid tot tien jaar na de eindafrekening. Onregelmatigheden kunnen leiden tot opschorting, vermindering of terugvordering van de steun.

Artikel 15. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

De begunstigde past, indien van toepassing, de regelgeving inzake overheidsopdrachten toe en waarborgt een transparante en niet-discriminerende selectie van leveranciers. Aankopen gebeuren marktconform. Wijzigingen aan leveranciers of belangrijke technische componenten worden tijdig gemeld en, indien zij de projectdoelstellingen beïnvloeden, vooraf ter goedkeuring voorgelegd.

Artikel 16. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

De begunstigde communiceert over het project met vermelding van de VMBI-steun van de Vlaamse overheid, volgens de huisstijlrichtlijnen die na toekenning worden meegedeeld. Publicitaire uitingen, projectwebpagina’s en relevante persberichten bevatten een correcte en proportionele verwijzing naar de steunverlening. Resultaten die generiek relevant zijn voor de omkaderingssector worden, behoudens bedrijfsgeheimen, opvraagbaar gesteld voor sectorgerichte kennisdeling.

Artikel 17. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

De verwerking van persoonsgegevens in het kader van deze oproep gebeurt conform de toepasselijke regelgeving inzake gegevensbescherming. De aangeleverde informatie wordt vertrouwelijk behandeld en enkel gebruikt voor de doeleinden van de beoordeling, besluitvorming, monitoring en controle. Zakengeheimen en vertrouwelijke bedrijfsinformatie worden afgeschermd conform de geldende regels inzake openbaarheid van bestuur.

Artikel 18. ( 02/01/2026 - Inwerkingtreding )

Deze omzendbrief treedt in werking op 2 januari 2026 en is van toepassing op de oproep 2026 voor VMBI-steun voor investeringen in de omkaderingssector van de baksteen- en tegelindustrie. De omzendbrief geldt tot en met de afsluiting van de eindafrekening van de in het kader van de oproep 2026 toegekende projecten, onverminderd latere omzendbrieven of richtlijnen die voor volgende oproepen worden vastgesteld.